Succesvolle start Roots in the Park

Gezien en gehoord: Roots in the Park in Utrecht. Review door Aart van Hoften en Arjan Vermeer met foto’s van Arjan Vermeer.

De eerste editie van Roots in the Park ging 6 juli van start met een line-up ‘om van te watertanden’. Ik bedoel als je bands als Otis Taylor, Moreland & Arbuckle, Epstein, Ben Caplan, Beth Hart, Gov’t Mule in eén rijtje hebt staan en zo’n beetje de eerste echte zomerdag van 2013 kado krijgt, heb je het toch mooi voor elkaar. Ook de lokatie, het Julianapark in Utrecht, lijkt wel van nature geschikt om een dergelijk festival te huisvesten. Kortom, alle ingredienten voor een geslaagd festival waren aanwezig.

DSC_0402-1-border

Dus op zaterdagochtend trekken we op naar deze Utrechtse Heerlijkheid. Eenmaal aangekomen in het park zie ik overal stelletjes en groepjes zich nestelen al dan niet met picknickmandje om relaxed te gaan genieten van de festivalsound. Dat belooft wat voor de opkomst binnen de poorten. Maar dat valt toch iets tegen. Door de wegwerkzaamheden op de A12 mis ik Maison du Malheur en val binnen tijdens het optreden van Otis Taylor. Het -voornamelijk in de zon luierende- publiek zit stilletjes te luisteren naar de trance-blues van Taylor die zelf ook als een sfinx op het podium staat. Alleen violiste Anne Harris zorgt voor wat spektakel op het podium en  -daarmee wellicht- voor een brede glimlach op Taylors zwaar bebaarde gezicht. Toch gaat het niet naar Taylor’s zin. Alhoewel de Hendrix-cover “Hey Joe” een zweem van herkenning in het publiek teweeg brengt loopt Otis Taylor op enig moment maar het publiek in om de liggende en zittende meute persoonlijk op te zwepen. Al met al een leuke show op een gezellig festival. Jammer is dan wel dat de bijna onheilspellende sound die Otis Taylor vaak op zijn platen weet op te wekken absoluut niet op een festival als deze tot uitdrukking komt. Dus ga ik in de toekomst nog maar een keer naar Taylor op zoek maar dan in een zwetend zaaltje.

_IGP7223-1-border

De indie-folk muziek van The Epstein uit het britse Oxford past beter op dit zomerse festival. Ook singer-songwriter Olly Wills en gitarist Jon Berry proberen het Utrechtse publiek in beweging te krijgen met frisse opzwepende liedjes. Olly Wills wijst zelfs toetsenist Sebastian Reynolds aan als voorzitter van een spontane danswedstrijd. Ik ben echter bang dat de meeste aanwezigen dit optreden hebben gebruikt om nog een lekkere espresso te halen bij de coffee-car.

_IGP7299-1-border

Moreland & Arbuckle gaat het beter af. Stevige bluesrock doet de aanwezige muziekliefhebbers wakker worden. Met alleen mondharmonica, drums en een bassgitaar die geleend lijkt te zijn van Seasick Steve creëeren ze een sound die niet onderdoet voor de meer klassieke bluesrockbands die alle instrumenten herbergen. Anders gezegd we hebben de sologitaristen hier niet gemist.

_IGP7364-1-border_IGP7435-1-border

Hierna stonden de spaanse Excitements geprogrammeerd, maar, door omstandigheden verhinderd, vervangen door Neerlands Originators. Soul van de koude grond. Helaas past dit wat mij betreft niet in de lijn die Moreland & Arbuckle hebben neergezet. Kittige r&b, dat wel, maar nu was het voor mij de beurt om een stevige capuccino te gaan halen.

Ben Caplan herstelde de publiekssfeer moeiteloos. Alhoewel de -met extreem lage stem acterende-  singer-songwriter het dit keer zonder Casual Smokers maar met gast-violist Donald MacLennan moet doen, weet hij de interactie met het inmiddels massaal toegest_IGP7747-1-borderroomde publiek goed te onderhouden. Grappige anekdotes wisselen de vrolijke folkmuziek af. Eerder nog speelde hij op Glastonbury en het leek wel alsof hij nog vol adrenaline zat van dat optreden. Of zou het komen doordat hij eigenlijk het voorprogramma vormde voor de twee hoofdacts van deze dag?  En die hoofdacts zijn natuurlijk Beth Hart en Gov’t Mule.

 

 

Beth Hart was goed op dreef met haar uitstekende band. Hart opende met het gevoelige en slepende “Sinner’s Prayer” gevolgd door “Well, Well”, beide uit haar eerste samenwerking met Bonamassa. Opvallend is de spanning die van haar gezicht straalt en die pas bij het derde nummer “Better Man”, plotsklaps lijkt te verdwijnen. Wellicht doordat het publiek vrijwel moeiteloos enthousiast reageren op Hart’s optreden. Het kost haar dan ook geen enkele moeite deze crowd te activeren zoals bijvoorbeeld met het lekker stevige “Trouble”. Eén van de hoogtepunten is de prachtige ballad van Blood Sweat & Tears: “I’ll Love you More Than You’ll Ever Know”. Hart speelt een aantal nummers van haar laatste productie met Joe Bonamassa, Seesaw. Eén ervan is het nummer waar ze mee afsluit, het bombastische : Miss Lady”.

_IGP7734-1-border

_IGP7878-1-border

_IGP7798-1-border

Daarna is het de beurt aan Gov’t Mule om het festival af te sluiten. Opvallend is dat dit toch een echte “mannen”band is. Bestond het publiek bij Beth Hart zeker voor meer dan 50% uit de dames, bij The Mule voerden de boys de boventoon. Alhoewel Govt Mule een vier-mans formatie is er altijd nog wel een vijfde persoon die de aandacht trekt ,en dat is roadie Mark Farmer. Een zeer druk baasje, altijd zeer “aanwezig” tijdens de soundcheck en ook tijdens het optreden. Maar met als resultaat dat het geluid van Gov’t Mule en zeker de gitaar van Warren Haynes altijd uitstekend klinkt. Aangezien de tijd tijdens een festival natuurlijk beperkt is was dit voor de band een vrij kort optreden. Er was voor de volgende nummers gekozen: “Brazos”, “Steppin Lightly”, “Beautiful Broken”, “Confess”, mijn persoonlijke favoriete Mule nummer “Thorazine Shuffle” met een hoofdrol voor drummer Matt Abt, het prachtige “Heartaches” van het komende nieuwe album, en daarna de klassiekers “I’m a Ram” en “Mule”.

En dan de toegift, en wat voor eén! Ik was er wel een beetje van uitgegaan dat Beth Hart en Gov,t Mule nog wat samen zouden doen, maar welke nummers? Het eerste nummer was toch verrassend “Don’t Need No Doctor”, een Ray Charles nummer, maar bekend geworden in de versie van Humble Pie. En dan de afsluiter, en tevens het hoogtepunt van deze mooie dag, het Allman Brothers nummer “Soulshine” (geschreven door Warren Hayne). Beth Hart had de song al gebruikt voor een van haar albums, maar deze uitvoering samen met Warren Haynes was toch wel heel bijzonder en erg mooi.

_IGP7865-1-border

Al met al een heerlijke dag. Een festival zoals een festival hoort te zijn. Op de eerste plaats natuurlijk de goeie muziek. Daarnaast een zeer relaxte sfeer en bijzonder goede catering: speciale broodjes, barbeque, friet uit een puntzak en, voor mij heel belangrijk, uitstekende koffie!!

DSC_0501-1-border

Geef hier uw commentaar