Ray Lamontagne en de onontgonnen diepten van vindingrijkheid

Vredenburg, Utrecht; woensdag 16 februari 2011; tekst door: Giel van der Hoeven; foto’s: Arjan Vermeer

De tijd dat folkmuziek geitenwollensokken volksmuziek was, is voorbij. Tegenwoordig komen de liefhebbers van hedendaagse folkmuziek of americana met hun Range Rovers en SUV’s naar een luisterconcert. Niet meer als een bok op de haverkist maar voldaan zittend in de pluche fauteuils luisteren we naar – dat gelukkig nog wel – ouderwets ambachtelijke muziek. Ray LaMontagne’s door Ethan Johns geproduceerde debuutalbum ‘Trouble’ werd in 2004 door zowel critici als publiek goed ontvangen en mag inmiddels worden bijgezet in de Eregalerij van de allermooiste americana platen. Met ‘Till The Sun Turns Black’ (2006) en ‘Gossip In The Grain’ (2008) wist de voormalige fabrieksarbeider uit Nashua, New Hampshire de lijn van kwalitatief hoogstaande liedjes en composities door te trekken. Zijn laatste album ‘God Willin’ & The Creek Don’t Rise’ onderging een nog beter lot en won afgelopen zondag een Grammy Award als “Best Contemporary Folk Album”. Met die belangrijke muziekprijs op zak en met zijn begeleidingsband The Pariah Dogs stond Ray LaMontagne woensdagavond in het Utrechtse Vredenburg voor een éénmalig concert in ons land. Bijna twee jaar na zijn laatste bezoek aan de Domstad, toen nog in het kleinere Tivoli, kon de bebaarde neo-folkzanger dus op een warm onthaal rekenen. Zijn al maar groeiende schare fans bestond in Utrecht onder meer uit folkies, yuppen, look-a-likes en BN-ers. Vredenburg was met 1.550 zitplaatsen tot aan de laatste stoel uitverkocht.

De support werd verzorgd door de zusjes Laura en Lydia Rogers (The Secret Sisters) uit Muscle Shoals Alabama. Gewapend met één akoestische gitaar en twee zuivere country stemmetjes én gesterkt door hun hechte familiale kameraadschap betraden de twintigers het podium als schaduwen in de schemering van elkaar. Het repertoire bestond uit een mix van meeslepende roots-country en klassiekers zoals ‘Devoted’ van de Everly Brothers, Hank Williams’ ‘Your Cheatin Heart’, songs van Patsy Cline en eigen composities van hun titelloze debuutalbum (productie T-Bone Burnett). Op ‘Tennesse Me’ mocht Pariah Dog Eric Heywood meedoen op zijn pedal-steelguitar. En terwijl de damesgitaar van hand tot hand ging werden de liedjes argeloos in hun zuidelijke Alabama accent aan elkaar gebabbeld door voornamelijk Lydia. Een retro western duo met een hoog boer-zoekt-vrouw gehalte waarbij termen als klef en hecht dicht bij elkaar liggen: ‘Do You Love An Apple, Do You Love A Pear?’ Maar de hechte harmonieën tussen de kleffe Laura en Lydia klinken zo diep als de Tennessee rivier in het voorjaar. De meningen waren verdeeld; van tranentrekkend mooi tot slaapverwekkend saai. Oordeel zelf.

Ray Lamontagne staat nou niet bepaald bekend als een lachebek of een flapuit. Maar de fijn geëtste songs van de Amerikaanse singer-songwriter onthullen de onontgonnen diepten van vindingrijkheid. Met zijn opmerkelijke ruw gehouwen zang en suggestieve teksten weet hij indruk te maken op de fijnproevers van de oorspronkelijke folk- en roots muziek. Zijn teksten gaan meer over persoonlijke relaties dan dat ze een maatschappelijke functie hebben of sociaal getint zijn. Zijn zinderende vocale prestaties die de muziek karakteriseren staan lijnrecht op zijn nederige karakter. Praten tussen de songs door doet de bescheiden troubadour weinig, hijgen des te meer. Het zware ademhalen ten gevolge van zijn vocale inspanning deed hij laconiek af met: “I just have to breath”. Ray en de Dogs openden het concert met puike uitvoeringen van ‘For The Summer’ en ‘New York City’s Killing Me’. Het uniforme geluid van drummer Jay Bellerose, bassiste Jennifer Condos, en het akoestische- en elektrische (pedal steel) gitaristen duo Greg Leisz en de eerder genoemde Eric Heywood biedt een uitstekende achtergrond voor de soulvol grommende bariton Ray LaMontagne. Ook met het funky ‘Repo Man’ en een vette blues versie van ‘Henry Nearly Killed Me (It’s a Shame)’ maakte het combo muzikaal en vocaal veel indruk. Het gezelschap nam ruimschoots de tijd om elk intro zo zorgvuldig mogelijk voor te bereiden. “Long enough that it almost hurts” schamperde Ray terwijl hij zich prepareerde voor een striemende mondharmonica solo. De zes gespeelde nummers van ‘God Willin…’ doorstonden stuk voor stuk de live-test en werden luid applaudisserend ontvangen door een steeds enthousiaster wordend publiek. Verrassend was ook dat er een aantal covers op de setlist stond zoals ‘Aching All The Time’ (Ray Charles) wat in 2010 al met Levon Helm werd gespeeld en de countrysong ‘Mama Tried’ van Merle Haggard uit 1968, waarbij de jonge deernen The Secret Sisters weer op mochten draven. De dames bleven enkele nummers de background vocals verzorgen waardoor het accent mede door het pedal steelguitar geluid ongedwongen werd verschoven richting country-folk. Het nummer ‘I Forgot More Than You’ll Ever Know’ van de Davis Sisters uit 1953 vindt LaMontagne zelf het mooiste in de uitvoering van Bob Dylan zo vertelde hij tijdens één van zijn spaarzame interrupties. We kregen ook een toelichting bij ‘You Are The Best Thing’ van zijn derde album ‘Gossip In The Grain’. De love song was destijds niet naar tevredenheid opgenomen met teveel uitbundige koperen bombast, zo vond hij. Nu speelde Ray het zoals het echt bedoeld was, sober en sereen. Met een soloversie van ‘Like Rock & Roll and Radio’ zagen en hoorde we hem weer als de authentieke folk troubadour zoals hij enkele jaren geleden ook in een kleine setting in Paradiso Amsterdam stond. Na een lange staande ovatie kwamen Ray en The Pariah Dogs terug voor slechts één toegift, maar wel één van de mooiste liedjes ooit gemaakt, het intens gezongen: ‘Trouble’. LaMontagne legt een grote nadruk op de kunst en vaardigheid van songwriting en componeren; hij beheerst het genre als geen ander en met zijn voortdurende vindingrijkheid en ingetogen gruizige stemgeluid weet hij de luisteraars te blijven boeien. Of zoals hij het zelf vooraf verklaarde: “Ik hou van alles, maar meestal komt het gewoon neer op mooie melodieën en liedjes.”

http://concertphotos.thebluesalone.nl/#182

SETLIST
01. For the Summer
02. New York City’s Killing Me
03. Shelter
04. Let It Be Me
05. Aching All The Time
06. You Can Bring Me Flowers
07. Repo Man
08. Henry Nearly Killed Me (It’s a Shame)
09. God Willin’ and the Creek Don’t Rise
10. Beg Steal or Borrow
11. Like Rock & Roll and Radio (solo)
12. Mama Tried
13. I Forgot More Than You’ll Ever Know
14. You Are The Best Thing
15. Trouble

Geef hier uw commentaar