In gesprek met … Ruud Weber (King Of The World)

Op zondag 2 oktober 2016 presenteert King of the World haar vierde cd in de Amsterdamse North Sea Jazz Club. Het derde studio album van de heren werd in de Bamboo Room Studio in het Amerikaanse Cincinatti opgenomen. Dit verklaart gelijk de titel van het album. Ton Kok van The Blues Alone? had deze week, 28 september j.l., een gesprekje met bassist/zanger Ruud Weber over de totstandkoming van dit album.

image1

Om te beginnen, hoe zijn jullie in Amerika beland?

Nou, de keuze was niet zozeer om naar Amerika te gaan. Een jaar geleden zijn we gaan nadenken. We hadden twee studioplaten en een live plaat, waar we heel happy mee waren en die ook allemaal goed ontvangen zijn. Maar een derde studioplaat is belangrijk, omdat je er als band vaak op afgerekend wordt of je een blijvertje bent of niet. Daarom wilden we gewoon een stapje hoger ten opzichte van onze eerste twee studioplaten, die we zelf geproduceerd hebben. We wilden er deze keer een producer bij, een externe producer, die iets kon toevoegen, die onze sound groter kon maken zeg maar.

Dan kijk je rond en een van de mensen die we benaderd hebben was Erwin Musper. Fokke (de Jong, drummer) had al met hem gewerkt bij Normaal. Het is een man die internationaal hoog aangeschreven staat en hij heeft geluisterd naar onze nummers. Hij is eigenlijk een soort met pensioen, maar doet af en toe nog wel wat dingetjes, die hij leuk vindt. Hij was enthousiast over de nummers die we hadden en zo is het balletje gaan rollen.

Toen was de keus: laten we hem hier naartoe komen of gaan wij, zoals hij voorstelde, naar hem toe in Cincinatti. Het is eigenlijk zijn studio niet meer, maar hij heeft hem opgebouwd en ontwikkeld en werkt er af en toe nog aan projectjes. Hij heeft er bijvoorbeeld met Anouk gewerkt. Dat voorstel
plus de prijs ten opzichte van bijvoorbeeld de Wisseloord Studio, waar we ook naar gekeken hebben, was interessant genoeg om daar naartoe te gaan. Én dat je de kans krijgt om in Amerika, het land van de blues, rhythm en roots, muziek waar we allemaal dol op zijn, op te nemen is te gek.

Het voordeel is dat je echt weg bent van de dagelijkse routine in Nederland en je volledig op het project kan richten. We hebben zijn voorstel bekeken. Het was haalbaar en het was fantastisch om te doen.

Was de werkwijze daar anders dan in Nederland?

Ja, hij heeft een eigen manier van opnemen. Het was wel even wennen de eerste dagen. Hij stelde bijvoorbeeld voor om een nummer op te nemen en dan helemaal af te maken om daarna door te gaan naar het volgende nummer. Dat hebben we anderhalve dag gedaan en wij vonden dat zelf niet zo prettig. Het ging allemaal niet zo snel. Je blijft continu bezig met dingen wisselen, andere opstelling etc. De tweede dag zeiden wij, we hadden in totaal acht studio dagen, als je efficiënt wil zijn moet je ons gewoon laten spelen. De basis opnemen en als dat erop staat, door naar het volgende nummer.

Hij was zeer flexibel en zei, prima, dan gaan we het zo doen. Dus zo gebeurde het dat we, na twee nummers in de eerste halve dag, nu in één dag alle nummers opnamen. “Hé, zo werkt dat dus bij jullie, jullie zijn echt een geroutineerde band”. Als het eenmaal loopt en we zijn warm en moeten we door. Als de basis er op staat kan je door met ander zaken als solo’s, de zang met de goede microfoon opnemen enz.

De werkwijze was dus wel wat anders, maar toch meer een kwestie van zoeken met elkaar wat het beste werkt. Wat ik vooral leuk vond is dat hij meteen in de studio een vette sound neerzet, waarvan je denkt “wow, dit is leuk”. Soms heb je in de studio een minder geluid en moet je harder werken het er allemaal goed op te krijgen. Dan komt dat in de mix altijd wel goed, maar bij hem stond het gelijk.

Het werkte dus inspirerend naar beide kanten toe?

Jazeker, hij is 67 jaar oud, maar super vitaal. We werkten 13 tot 14 uur per dag en hij deed er geen seconde moeilijk over, hij was misschien wel de hardste werker van ons allemaal en op het moment dat er gave dingen gebeurden, b.v. als Erwin zijn solo’s aan het inspelen was stond hij echt als een
jong knulletje te springen: “Te gek, te gek”. Dat was wel heel gaaf om te zien.

Daar al inspiratie opgedaan voor nieuwe songs?

In principe ben je daar zo gefocust bezig, maar als je ziet hoe het proces gaat, hoe een nummer wordt en wat je ervan kan maken, als je zo werkt zoals wij daar deden, dat je het maximale uit je nummers haalt, dat inspireert wel heel erg. De mogelijkheden om met blazers te werken en om die sounds goed te krijgen, daar haal je wel veel inspiratie uit. Maar als je er dagen lang zit en veertien uur per dag werkt ben je alleen nog maar daar mee bezig en dan, ja dat is echt wel zeer intens moet ik zeggen, heel mooi, maar zeer intens.

Jij bent een beetje de spil van de songs eigenlijk, de teksten komen in ieder geval allemaal van jou vandaan.

Ja, ik schrijf alle teksten en kom vaak met de basis van de nummers aan, hoewel ik moet zeggen dat we wel met elke nieuwe cd veel meer samen gaan schrijven, maar inderdaad omdat de teksten van mij vandaan komen is dat vaak de leidraad. We beginnen met een idee van mij, daar ligt al vaak de basis. Maar wat we deze keer wel gedaan hebben, we hebben ook wat vaker gerepeteerd. Wij repeteren zo goed als nooit en bij vorige cd’s hebben we dat een paar dagen gedaan en nu een paar weekenden. Wat we nu hebben gedaan, we zijn helemaal vanaf nul begonnen en ook met ideeën van Erwin en Govert: een paar akkoorden of een riff en daarna ben ik de teksten gaan schrijven. Ik vind wel dat het hele sterke nummers zijn geworden.

Jullie zijn er dus nu echt voor gaan zitten om de nummers voor deze cd te schrijven?

Ja, we komen bij elkaar en soms kom ik met hele nummers, halve nummers of stukjes, een akkoordje, weet je wel, en dan gaan we gewoon aan werken. Maar omdat we nu meer tijd hebben genomen zijn we ook echt gaan jammen en zijn van daaruit nummers ontstaan. Een nummer als “Voodoo” is daaruit voorgekomen en later ben ik daar een tekst op gaan schrijven. Dat was wel grappig, een beetje omgedraaid proces dus. We hebben er meer tijd aan besteed en er ook voor gekozen om een aantal van die nummers live uit te voeren, om er lekker in te komen en verder te ontwikkelen. Ja, en dan zet je gewoon bijna dertien nummers binnen een dag op tape, zeg maar.

Er staat één cover op. Jullie hebben eerder covers gedaan, die kwamen uit de zwarte hoek, hoe kom je bij de Eagles terecht?

Nou dat was ook zo’n dingetje, dat gebeurde eigenlijk in de oefenruimte terwijl we bezig waren met nummers schrijven. We zaten een beetje te jammen en speel den “Life In The Fast Lane”, wat vind ik echt een steengoed nummer vind, vooral die gitaarlick die in zit. We hadden het idee, dat we daar iets mee moesten doen. Toen kwam Erwin ineens met die lick en hebben we er een hele vette bluesrock versie van gemaakt. We dachten, laten we het eens live spelen en dat sloeg in als een bom. Mensen vonden het helemaal te gek en toen dachten we dat het ook wel gaaf zou zijn om het op de plaat te zetten. Blijkt ook wel, we krijgen ook hele goede reacties, ook in de recensies, die we al hebben gelezen. We hebben er een heel eigen draai aan gegeven.

De cd presentatie zondag, gaan jullie nog iets speciaals doen?

Op de cd staan zeven tracks met blazers en we hebben er zondag ook een blazerssectie bij. Op de cd staan ook Amerikaanse achtergrondzangeressen waarvan ik met één ook een duet heb gedaan (Cheryl Renee), een slow blues “Hurt So Bad” en die wordt a.s. zondag in de NSJ club vertolkt met Tineke Schoemaker van Barrelhouse. Waarschijnlijk gaan we nog een paar nummers met haar doen en dan de blazers erbij, het wordt een hele speciale happening zondag.

Hoe zie jij de toekomst van de band? Jullie zijn eigen al te groot voor Nederland.

Goed, we zijn momenteel heel druk bezig in Duitsland en dat is te gek voor ons. Nederland draait momenteel ook heel goed, zoals je zegt. Daar zijn we heel blij mee, dat is toch de basis van alles wat we doen. In Duitsland zijn we nu aan het opbouwen, we hebben net een weekend gedaan in Duitsland. Tot december toert de cd promotie tour in Nederland en in januari begint ook een cd promotietour in Duitsland. Dat is dan wel verdeeld over een aantal lange weekenden, in januari en ik geloof maart, maar daar zitten ook optredens in Oostenrijk en Tsjechië bij. Als je dan toch in Duitsland ben ga je wel even de grens over. Het Wenen Blues Festival zit daarbij. We dus nu ook voor de eerste keer in Duitsland voor een echte cd promotie tour, dus dat begint te lopen en de ambitie is natuurlijk om muziek te maken en van onze muziek te leven en dat doen we ook, maar daar moet je hard knokken voor je territorium en als je dat kan uitbreiden … Duitsland is daar een fantastisch land voor. De ambitie is er wel om daar meer te kunnen doen. Om meer te kunnen spelen en te kunnen blijven spelen. We doen ons best om in andere landen ook aan de bak te komen.

Uiteraard wensen wij bij The Blues Alone? het allerbeste toe aan Ruud Weber, Erwin Java, Govert van der Kolm en Fokke de Jong. De nieuwe cd is zeker de aanschaf waard en op naar een wervelende cd presentatie in de North Sea Jazz Club.

Geef hier uw commentaar