Highlands is veel meer dan blues alleen

4

door Giel van der Hoeven; foto’s van Arjan Vermeer.

Hommages aan overleden én nog actieve blues-, rock-, soul-, jazz- en singer-songwriter legendes vormde zo’n beetje de hoofdmoot van het derde Highlands Festival in Hoogland Amersfoort afgelopen weekend. Saint Jude en Ralph de Jongh & Crazy Hearts speelde in de traditie van Engelse bands als de Stones en The Faces. Van de Amersfoortse Bigband On The Move met onder meer zangeres Julia Loko hoorden we een mix van soul-, funk- en jazzgeluiden. The Wild Romance lieten Herman Brood meehuilen vanuit de hemel waar hij nu bijna tien jaar verblijft, Waylon eerde Otis Redding en Lil’ Ed Williams de complete ’soul-kitchen’. Ian Siegal deed hetzelfde richting Muddy, Cash maar ook Prince en Bob Dylan. Heel veel composities van de virtuoze Jimi Hendrix en Texaan Stevie Ray Vaughan kwamen voorbij, maar dat blijft natuurlijk onvermijdelijk. En zo stonden respectievelijk ook nog eens de zonen en de dochter van de rock- en blueslegendes Ginger Baker, Herman Brood, Luther Allison en Johnny Copeland over de twee dagen die het evenement duurde in levende lijven op het podium! En ondanks dat er muzikaal niet echt aan hem werd gerefereerd waarde de geest van Gary Moore toch een beetje rond over het festivalterrein. Zijn naam werd namelijk door vele bezoekers in de mond genomen, logisch gezien het feit dat de invloedrijke Engelsman die al langere tijd geboekt stond voor dit festival in februari van dit jaar plotseling overleed. En dit is zomaar een greep uit de veelzijdige programmering van het festival dat door fanatieke bluesfestival bezoeker op afstand soms met argusogen wordt bekeken, maar waarvan de liefhebbers die er echt bijwaren toch steeds weer in volle tevredenheid huiswaarts keren. Zelfs de grillige weergoden konden – afgezien van een frisse bries en een enkel buitje – de aanwezigen tijdens deze Highlands 2011 editie in stadspark Schothorst niet teisteren. Highlands still got the blues with a bite, maar is veel meer dan dat!

Want ook lokaal jong talent kreeg een kans op het ruime en kleurrijke podium van Highlands. De 16-jarige gitarist Leif de Leeuw, Rory de Kievit (20) en de Hooglander Eelke Mastebroek mochten een gastoptreden geven bij The Dirty White Boys van Sonny Hunt uit Memphis Tennessee. De 54-jarige Amerikaan is een graag geziene gast in Muziekcafé De Noot te Amersfoort van muziekliefhebber Henk Hak, tevens de initiatiefnemer van het Higlands Festival. Op het vroege tijdstip van 17.00 uur kregen de eerste bezoekers voornamelijk covers voorgeschoteld die ze kende van de live CD ‘Hitting The Noot’ (2011) of van de originele artiesten zelf. Een openingsfeestje der herkenning dus.

Henrik Freischlader Band is verre van Amerikaans maar de eigenzinnige Duitser klinkt wel zo. Althans, muzikaal dan. Hij speelt op zijn Fender gitaar blues geïnspireerd door o.a. Stevie Ray Vaughan, Rory Gallagher, Peter Green en Gary Moore(!), en stond eerder ook als support van laatste twee genoemde. Hij zingt met een ‘volltönenden, rauen Stimme’ maar zijn lichte accent verraadt wel degelijk zijn afkomst. Helemaal niet erg maar wellicht dat deze sympathieke Zuiderbuur het toch eens met een Engelstalige zanger zou moeten proberen? Ook succes overzee lijkt dan vrijwel verzekerd voor de HF Band.

“Come closer and take a look at me” riep zangeres Lynne Jackaman van de Engelse bluesrockband Saint Jude het duizendkoppige publiek toe. En ze had recht van spreken want ze was opvallend genoeg de enige vrouw op het podium in de gehele vrijdagse line-up. En opvallend was ze met haar sexy sixties look zeker!   Lynne verkondigt haar evangelie met onvervalste soul en rock ‘n roll ook wel ‘Freak ‘n Soul’ genoemd. Hun invloeden van enkele grote Britse rockgroepen schemeren door met een vreugdevolle knipoog naar het verleden. Aangemoedigd door niemand minder dan Ronnie Wood en Jimmy Page die eerder hun waardering voor het gezelschap uit Londen niet onder stoelen of banken staken. Met de Jude-discipelen Adam Greene op gitaar en toetsenist Jo Glossop (die later ook nog bij Ian Siegal mocht opdraven) in opvallende rollen werd met veel branie een solide en frisse show neergezet. Het deed een briesje veroorzaken welke het publiek zelfs aan het dansen kreeg en het paarse jurkje van Lynne ontdeugend deed opwaaien.

De openingsavond bleef dus droog maar dat kon je van Ian Siegal niet zeggen. Na 12 espresso’s gaf hij een spetterend optreden waarmee hij het hoogtepunt van de avond was.   Bijgestaan door zijn trouwe kompanen Andy Graham (bas) en Nik Bjerre (drums) liet de Engelsman zien en horen dat er meer is dan de authentieke blues alleen. Siegal is een echte entertainer die de kunst beheerst om alle traditionele muziekstijlen samen te smelten tot een eigen stijl. Immers “alle muziek die bestaat is nu eenmaal gebaseerd op de blues” aldus Siegal. Zijn humor is zo zwart als zijn getatoeëerde armen waarop hij ruimte tekort komt om al zijn idolen (Muddy Waters, Howlin’ Wolf, Johnny Cash enz.) op af te beelden. Zijn vriend “pretty” Jo Glossop (Saint Jude) die twee songs mocht bijspringen op het Hammond orgel noemde hij flauw “Liz Taylor”. Maar ook andere bandleden, het publiek, de maatschappij en niet te vergeten zichzelf geeft hij ervan langs op zijn eigen cynische wijze.   Zijn rauwe muziek en levensstijl brengen je terug naar de wortels van je bestaan en doet je beseffen dat tradities in leven gehouden moeten worden. Met als afsluiter ‘Like a Rolling Stone’ deed de Ian Siegal Band dat voor Bob Dylan die afgelopen week 70 jaar is geworden. [ons interview met Ian Siegal kun je hier lezen].

En over tradities gesproken, Bernard Allison (1965) is de jongste zoon van Chicago blues muzikant Luther Allison. Vooraf kondigde hij al aan dat de Hooglanders een knallend optreden van zijn band konden verwachten. Welnu, hij heeft ons niet teleurgesteld: tegen het einde van de show blies de Bernard Allison Group letterlijk de zekeringen eruit! Maar “het was het net niet”, dat vond althans de energieleverancier toen de netspanning weg viel tijdens het optreden. De gelouterde Allison Group vatte het sportief op en speelde na een korte onderbreking onverstoorbaar verder. En ook Allison junior deed in zijn mainstream bluesstijl waarin gitaren, keyboards en een geweldige saxofonist (Jose James) toonaangevend waren, aan heldenverering met songs als ‘Missing Stevie’ en ‘Voodoo Chile Medley’ op de setlist.

~

De tweede dag van het Highlands Festival werd geopend door de plaatselijke On the Move Bigband met de Nederlandse zangeres van Moluks-Indonesische afkomst Julya Lo’ko (1957). U weet wel ooit leadzangeres bij Loosdrechtse funkband Cheyenne en vocaliste in de Rainbow Train van Hans Vermeulen.  Nou die geweldige stem heeft ze nog steeds hoor! Samen met toonaangevend gitarist Eef Albers (óók van Hoogland) speelde het bonte gezelschap klassiekers met invloeden uit zowel blues, rock, funk, soul en jazz als klassieke muziek. Middels swingende uitvoeringen van ‘Going To The City’ en ‘Saturday Night’ werd hier weer een eerbetoon gebracht aan Neerlands bekendste rocker Herman Brood. Een uniek experiment op het openlucht evenement dat zeker navolging verdient.

De ruwe blonde bolster met een zwarte ziel Ralph de Jongh zagen we vier jaar geleden voor het eerst gezeten op een houten kist met boeren klompen aan in een blueskelder voor een handje vol liefhebbers optreden. Met zijn gestoorde motoriek kronkelde hij over de planken zijn akoestische of elektrische gitaar tegelijkertijd strelend en tartend. Met zijn band Crazy Hearts is hij de kleinschalige Nederblues nu ontgroeid en maakte hij al furore in Memphis, USA. Een heerlijke debuutplaat ‘More Than Words’ en een fantastisch liveoptreden op Highlands zijn het bewijs van de groei die rasperformer Ralph heeft doorgemaakt. Crazy Hearts bestaat verder uit bassist Jasper Mortier, drummer Marcel Wolthof en percussionist Arend Bouwmeester. Stuk voor stuk uitstekende muzikanten die op een rauwe en eigenzinnige manier muziek maken in de traditie (daar gaan we weer) van de Rolling Stones en hun muzikale ‘voorvaderen’. Helemaal niets mis mee!

“Wie is nou weer koffiebeker?” hoorde ik de jongen naast me met een bierglas in zijn hand zich afvragen. Toegegeven, Ginger Baker kent niet iedereen, laat staan zijn zoon Kofi Baker (zo heet ‘ie dus echt).   Maar Peter Edward ‘Ginger’ Baker (1939) is een invloedrijke drummer, die zijn grootste successen had in de jaren zestig samen met Jack Bruce en Eric Clapton in de groep Cream, en die in 2005 nog eens voor een reünie bij elkaar kwamen. Dit moment was voor zoonlief, die zelf ook aardig kan trommelen, het sein om zijn vader te gaan vereren met Kofi Baker’s Tribute to Cream. Samen met basgitarist Daniele Labbate en Tony Spinner (o.a. Toto). En tijdens dit Highlands Festival aangevuld met niemand minder dan good-old Jan Akkerman (64), door de lezers van het Britse muziekblad Melody Maker ooit uitgeroepen tot de beste gitarist van de wereld. Aanvankelijk waren de twee gitaarlegendes nog wat zoekende met het geluid. Maar toen de vaart er eenmaal inzat speelde het kwartet de pannen van de omringende luxueuze daken in de wijk Hoogland, waarbij alle Cream en Blind Faith krakers de revue passeerden.

King Mo noemde wij al eens eerder ‘Neerlands nieuwe blues hoop’. Deze kreet dekt de lading echter niet helemaal meer. Want óók King Mo is meer dan blues alleen. Waar ‘em die extra ‘bite’ bij Phil Bee en zijn mannen inzit moet je maar gaan beluisteren op hun nieuwe CD ‘The King Of The Town’ die voorafgaande aan hun Highlands optreden ten doop werd gehouden. De meeste tracks werden uiteraard live gespeeld en het moet gezegd up-tempo songs als ‘Everday You’re Running’, het catchy ‘I Was Wrong’ maar ook de prachtige road-ballad ’200 Miles’ zijn zowel op zilveren schijf als live ijzersterk.   Zeer gevarieerde composities rond bekende thema’s met doordachte teksten. Gitarist Sjors Nederlof hebben we – niets ten nadelen van de andere bandleden – al vaker in het zonnetje gezet. En ondanks het losbarstende regenbuitje tijden Mo’s optreden blijven we dat doen: wat kan dat ventje gitaar spelen! Maar ja, dat geldt ook voor de Hammond klanken van Colly Franssen, de vocals van Phil Bastiaans en ga zo maar door. Het koninkrijk van Mo bestaat niet louter uit individuen, maar vooral uit de kracht van het collectief.

“I lost my mind in a wild romance” zong de Amerikaanse jazz- en blueszanger Mose Allison in de zestiger jaren. Herman Brood eerde hem door zijn begeleidingsband einde zeventiger jaren His Wild Romance te noemen. In 2011 werd de legendarische Herman Brood (1946-2001) and His Wild Romance zelf geëerd en alvast een beetje herdacht door The Wild Romance op Highlands.   Wild Romance heeft door de jaren heen talloze bezettingen gekend. Van de meest befaamde line-up was alleen gitarist Dany Lademacher van de partij. Ondersteund door de huidige bandleden Jan Willem van Holland (gitaar), bassist Ruud Engelbert, drummer Ramon Rambeaux, gast-saxofonist Boris van der Lek, gast-toetsenist Åke Danielson (o.a. Time Bandits en Boudewijn de Groot), gast-vocalist Marcel Brood (de enige echte zoon van) en zanger ‘Stick’ speelde de nieuwe Wild Romance veel bekende hits in een moordend tempo. Aanvankelijk wat moeizaam omdat het publiek zich twijfelend afvroeg hoe nu te reageren op deze Herman Brood tribute? Maar toen eenmaal was doorgedrongen dat look-a-like ‘Stick’ (Yada Yada) geen ‘nieuwe’ Herman Brood is maar zeker wel iemand die zijn held gepassioneerd op het podium vereerde brak het ijs, en de hemel open: Herman huilde als het ware mee van boven. Doodzonde dat deze (levens)kunstenaar ons is ontvallen 10 jaar geleden. Hij had nog gemakkelijk meegekund tussen alle senioren tijdens deze twee dagen op het Highlands podium. [lees hier ons exclusief interview met Dany Lademacher].

Shemekia Copeland is één van de vele koninginnen van de Blues en Soul die Amerika rijk is. Maar ze is wel de enige echte zingende dochter van gitaarlegende Johnny Copeland (1937-1997) en kwam voor één exclusief optreden naar Highlands 2011. ‘Dirty Water’ was het openingsnummer en het water daalde toen nog steeds van boven op ons neer. Maar dat duurde niet lang meer en of dat door haar bezwerende stem kwam in onduidelijk, feit is dat tijdens haar optreden figuurlijk de zon doorbrak en letterlijk de duisternis inviel.   Haar openbare belijdenis van het geloof is ‘the soul truth’ maar ze was ook menig maal te vinden in het blues festival circuit in Amerika en Europa. Haar band bestaat uit door de wol geverfde Amerikaanse sessiemuzikanten waarvan gitarist Arthur Neilson met zijn routineuze handelingen en de swingende donkere bassist Kevin Jenkins het meest opvielen. De band speelde een mix van vurige blues, opwindende rockers en soul ballades met ballen. Shemekia zelf heeft een soul-shaking stemgeluid zoals Etta James dat in haar jonge jaren ook voort kon brengen. Een diva die ook zeker niet zou misstaan op bijvoorbeeld het North Sea Jazz Festival.

Voor Waylon moet het een vreemde gewaarwording zijn geweest om nu eens niet voor een publiek van gillende bakvisjes en zwijmelende huisvrouwen te staan. Want dankzij dat de zanger/gitarist van internationale klasse is, is zijn ster snel gerezen en hij mag zich inmiddels tot de voorhoede van de moderne swingende soul en country rekenen.   Het soort dat kwalitatief hoogstaand is maar door de toegankelijkheid en zijn voorkomen – hij schijnt aantrekkelijk te zijn voor sommige dames 😉 – ook commercieel aanslaat. Gelukkig kent ook Waylon zijn klassiekers – hij was zelfs persoonlijk bevriend met Waylon Jennnings (1937-2002) en noemt desgevraagd o.a. de Beatles, Elvis, Ray Charles, Stevie Wonder, Marvin Gaye en Otis Redding als zijn belangrijkste invloeden. Hij eerde op zijn beurt weer de Amerikaanse soulzanger Otis Redding in de toegift met ‘I’ve Got Dreams To Remember’. Gedurende de show speelde Waylon behalve het bekende materiaal ook nummers van zijn nieuwe CD, waar nog meer van zichzelf inzit, en die binnenkort uitkomt. De plaat werd opgenomen in New York waarbij de bekende multi-instrumentalist Steve Jorden – die met Keith Richards en Eric Clapton werkte – ook de hand in had. De song ‘Clean’ omschreef Waylon op het podium als een soort van therapie voor de dingen die hij heeft meegemaakt. Achteraf verklaarde hij ons persoonlijk: “het was niet per sé een moeilijke tijd waar ik het over had, eigenlijk zelfs een makkelijke tijd! Maar ik vindt het altijd zo cliché als muzikanten zeggen: ik heb zoveel meegemaakt en daarom schrijf ik van die gevoelige liedjes. Ik bedoel: Paul McCartney schreef wereldhits toen hij 22 jaar jong was! Ik wil hiermee zeggen dat het leven dat ik als muzikant heb niet interessanter hoeft te zijn als dat van mijn buurman die bouwvakker is. We moeten niet te mythisch doen over het artiestenleven, want eigenlijk zijn we gewoon een stelletje saaie klootzakken die thuis zitten niks te doen, wachten op inspiratie.” Met de tradities, de realiteitszin én de humor van Waylon zit het dus ook wel goed.

Net als Shemekia Copeland kwam ook de Amerikaanse band Lil’ Ed & The Blues Imperials exclusief voor Highlands naar Amersfoort gereisd. Niet echt als headline maar wel als acceptabele afsluiter van het jaarlijkse openlucht festival. De Washington Post beschreef Lil’ Ed & The Blues Imperials al eens als “besmettelijke wildheid.” En The Philadelphia Inquirer noemde ze na het zien van een live optreden “rauw en zeer onderhoudend.” Het goede nieuws is dat beide typeringen ook in Amersfoort naar voren kwamen.   Ik zou er nog aan toe willen voegen dat een optreden van de kleine joviale Ed Williams met zijn kleurige fez op de kop ronduit vermakelijk is. Ed’s vocalen zijn niet bepaald zijdezacht zoals je bij een man van zijn postuur zou verwachten, ook niet technisch perfect maar zelfs een beetje ruw op z’n tijd. Zijn strakke ritmesectie speelt moeiteloos shuffles, ze rocken, ze spelen 12-bar blues maar het neigt ook naar de bluesjazz, mocht dat genre al bestaan. Maar het geheel is wel de perfecte set-up voor Lil’ Ed om zijn slideguitar riffs ten gehore te brengen. Hij bracht met zijn show een eerbetoon aan de complete ’soul-kitchen’ in het bijzonder aan Elmore James en Hound Dog-Taylor. Hun geest leeft voort in de Imperials die een diepgaand begrip tonen aan alles wat als soul en blues bestempeld mag worden. May their boogie live forever!

4 Responses

  1. Jack

    Het 3e Highlands Festival….2 dagen; de reden daarvan ontgaat me…
    Enkele kritische noten: Maak er de volgende keer geen tribute-festival meer van…bands als Allison, Baker en Brood zorgen er voor dat het festival het predikaat van dorpsfeest niet ontstijgt..Waarbij Akkerman en Spinner over-the-top spelen vanuit too much ego (af en toe vals, niet ingespeeld en slecht geluid) Copeland daarentegen was een sensatie (maar dan ook geen kopie van..) Ralph de Jongh was een eye-opener; elk moment verwachtte je dat Keith het podium op zou komen .
    Betreft eten: volgend jaar Toko Semarang uit Amersfoort uitnodigen (the best Indonesisch to get).
    De organisatie verdient een grote pluim; knap neergezet. Dit festival verdient alleen meer PR/Marketing, zodat met in NL meer weet krijgt van dit festival! Op de 1 of andere manier voelt de 4e editie (2012) als bepalend voor de toekomst?!!!

    Reply
  2. DAVE VAN BLADEL

    Goede weergave van een festival dat iedere internationale vergelijking met trots kan weerstaan. Henk Hak en zijn team hebben echt Iets fantastisch op de kaart gezet. Lekkere foto;s ook1

    Reply

Geef hier uw commentaar