De 23e editie van Duvelblues vond plaats op Zaterdag 30 Mei 2026 jl. in Ruisbroek-Puurs (BE). Een verslag van Nicolette Johns met foto’s van José Gallois, klik HIER om het gehele album te bekijken.
Deze laatste zaterdag van Mei staat de navigatie ingesteld op Ruisbroek, Puurs-Sint-Amands waar het Duvelblues voor de drieëntwintigste keer zal gaan plaatsvinden. Inmiddels hebben ook heel wat internationaal bekende bluesmusici de gsm ingesteld op naar dit gerenommeerde festival van Ruisbroek. Wij nemen vandaag de alternatieve route via de Liefkenshoektunnel om de ‘werken’ op de Antwerpse ring te vermijden. De stoeltjes liggen nog van het vorige muziekweekend in de kofferbak om ook op het terrein van de chiro/jeugdhuis Kabal weer uitgeklapt te gaan worden.
Ondanks de vele festivals die tegenwoordig om de aandacht van bluesliefhebbers strijden, blijft Duvelblues een buitenbeentje. Geen megalomaan terrein, geen overdaad aan VIP-zones of commerciële poespas. Gewoon twee podia, een uitstekend programma, een enthousiast vrijwilligersleger en een publiek dat nog altijd vooral voor de muziek komt.

Wanneer we het terrein oplopen, lijkt het nog een aangename lentedag. Dat zal echter niet lang duren; nog vóór de middag verandert Duvelblues in een soort Belgische versie van Death Valley.

Zoals gebruikelijk geeft Duvelblues ook dit jaar een Belgische act de eer om het festival te openen. Die taak valt ten deel aan de PD Martin Band rond gitarist en zanger Piet Vercauteren, de rijzende ster uit de Belgische gitaarwereld, zo lezen we in het programmaboekje én winnaar van de Belgian Blues Challenge 2024.

Samen met Rien Gees achter de drumms en zijn partner-in-ritme-crime als bassist Joris Holderbeke en op toetsen Hein Mandos zijn zij klaar het publiek een dik uur te vermaken met hun moderne mix van blues, rock en fusionachtige invloeden. Helaas wordt de set aanvankelijk geplaagd door een te enthousiast ingestelde geluidsinstallatie. De vervorming haalt wat scherpte weg uit het totaal en dat is jammer, want muzikaal zit het absoluut goed.

Na zijn optreden op Blues Peer vorig weekend kreeg Piet te horen dat tijdens de hele set zijn broek open gestaan had en daarom nu de vertolking van ‘Ain’t Nobody’s Business’. De band beschikt over uitstekende songs en Vercauteren blijkt een sterke gitarist. Dat hoor ik onder meer tijdens de première van het nieuwe nummer ‘Access Denied’, dat uiteindelijk de ontbrekende schakel bleek voor het komende album dat zestien Oktober zal verschijnen.

Wanneer de temperatuur in de tent richting tropische waarden stijgt, volgt toepasselijk ‘Costa Del Sol’, een fijn, soepel en zomers fusion-achtig nummer waarin toetsenist Hein Mandos – al snel omgedoopt tot “Enrique” – nadrukkelijk zijn visitekaartje afgeeft.

Een prima opener deze PD Martin Band die bewijst dat de Belgische bluesscene nog altijd nieuw talent voortbrengt en die ook in Nederland op een mooi podium niet zou misstaan.

Als we buiten even proberen te bekomen van de verzengende hitte van de tent is het al snel weer tijd voor de eerste set in ‘The Barn’ van Duvelblues want daar zal een ‘oude’ bekende haar entree als duo-act gaan maken. In The Barn zullen Dede Priest & Johnny Clark een volledig akoestische set presenteren.

Van Dede weten we dat ze een fantastische zangeres is, die ook zeer goed viool speelt, ook op gitaar kan ze haar mannetje staan. Dede Priest blijft een bijzondere verschijning; de in Dallas, Texas geboren zangeres woont inmiddels al jaren in Nederland, maar ademt nog steeds de sfeer van het Amerikaanse zuiden. Samen met haar echtgenoot Johnny Clark brengt ze een set die volledig draait om authenticiteit; geen opsmuk, geen effecten, geen volumeoorlog, gewoon twee muzikanten die liedjes vertellen.

De laatste keer dat wij haar zagen optreden was in een ver verleden (2011) in Tegelen. Nog steeds toert Dede Priest door Europa en is te zien op podia en festivals in Portugal, Frankrijk en Duitsland. Wat weinig mensen van haar weten is dat zij eigenlijk klassiek geschoold is, heel jong heeft ze klassieke viool leren spelen. Tijdens haar optredens als duo met haar echtgenoot Johnny Clark zien we dit instrument vaker dan met haar volledige band.

Haar stem blijkt gedurende de jaren meer die rauwe blues-tone waar wij zo van houden gekregen te hebben. Het laatste album Best Pieces dateert van 2024. We horen ‘Mudslide’ als opener maar ook al kan ik me indenken dat het Dede bijna smelt onder de baret en haar glovettes zingt ze passievol. Voor de opvolger ‘In This Lifetime’ pakt ook Dede de akoestische gitaar erbij terwijl Clark de messing slide met bijna achteloze perfectie over de snaren laat glijden.

Een duo-set als deze leent zich uitermate goed voor een aantal gospelsongs; de belletjes worden om de pols gegespt als ‘Judgement Day Bells’ ingezet wordt en de viool onder de kin wordt geplaatst. Even lijkt de tent te veranderen in een houten kerkje ergens diep in Texas.

Ook Johnny Clark benijd ik niet, hij slingert de ene na de andere slide de Ruisbroekse schuur in alsof hij in het geheel niet wordt gehinderd door de warmte zéker als je weet dat hij ‘n muts draagt. Zelf raken we wel ietwat bevangen door de warmte waardoor we besluiten het verdere verloop van de set buiten de tent te volgen.

We beluisteren en beleven nog ‘Joshua Fought The Battle Of Jericho’ dat wij dan weer kennen van Mahalia Jackson waar Dede Priest een mooie vertolking van maakt. Het nummer vormt uiteindelijk het hoogtepunt van een set die vooral bewijst hoe krachtig muziek kan zijn wanneer alle franje wordt weggelaten. Dede Priest & Johnny Clark een duo dat in thuisland Nederland te weinig te zien is!

Waar Dede Priest ontroert, daar ontploft The Buttshakers. Letterlijk! Vóór het bijwonen van hun optreden op Gevarenwinkel vorig jaar had ik nog nooit van deze band gehoord, maar allemachtig wàt een indruk wisten zangeres Ciara Thompson uit St. Louis, US en haar Franse band achter te laten!

Ciara wordt geflankeerd door gitarist Riad Klai, de blazerssectie bestaat uit Franck Boyron op trombone en bariton saxofonist Thibaut Fontana.

De ritme tandem wordt op Duvelblues gevormd door bassist Théo Fardele en drummer Cédric Gerfaud. Ondanks dat de band al jaren bij een Nederlands booking-agency (Sedate Bookings) zit, mochten wij de band gek genoeg alleen in België op een podium zien.

Ook bracht de band al een aantal albums uit waarvan de laatste vorig jaar onder de titel Lessons In Love het levenslicht zag. De opener ‘Good Intentions’ komt van dit album maar ook van hun in 2021 uitgebrachte schijfje Arcadia horen we songs zoals het funky ‘Pass You By’.

Of wat te denken van ‘Not In My Name’? Het nummer is Ciara’s protest tegen de wereld dat wegkijkt van de genocide in Gaza, de aanvallen van Rusland op burgerdoelen in Oekraïne en natuurlijk de Trump-administation die op ‘n totalitaire samenleving aanstuurt. De trombone-solo van Franck Boyron aan de rand van het podium is indrukwekkend.

Frontvrouw Ciara Thompson heeft de volledige tent in haar ban. Wat een performer, wat een stem en wat een band! Sean ‘Mack’ McDonald staat al een tijdje in het publiek maar zelfs hij kan de drang niet onderdrukken dicht aan het podium te gaan staan en uitbundig op de diverse soulvolle songs mee te swingen.

Gitarist Riad Klai speelt alsof hij iedere noot persoonlijk wil laten voelen. Ook Sean ‘Mack’ McDonald zal Klai’s slide partijen als de ijsblokjes in een cocktail, verfrissend en kristalhelder ervaren. Klai is net als Mack ‘n geweldige gedreven gitarist! De blazerssectie met trombonist Franck Boyron en saxofonist Thibaut Fontana delen de ene na de andere soulinjectie uit.

Ook hier in Ruisbroek krijgen de toeschouwers een spoedcursus podiumenergie en weet de zangeres met haar enorme vocale bereik en onaflatende drive mij weer te emotioneren.

Er wordt geen modus onaangeroerd gelaten. Het publiek hoeft nauwelijks aangespoord te worden, er wordt gedanst, meegezongen, geklapt, gezweet maar vooral genoten.

Warm of niet, toch komt Ciara het podium af om die laatste bezoeker die nog niet op de vibe van The Buttshakers zweeft te overtuigen zich vooral niet te storen aan de hitte. The Buttshakers staan voor een vlammende vocaliste Ciara, een snerpende snaren-bender, een blatante blazerssectie en een doldrieste drummer. Natuurlijk wordt er om een toegift gescandeerd wat met alle liefde gehonoreerd wordt. The Buttshakers doen precies wat grote festivalbands moeten doen: ze veranderen een optreden in een belevenis!

In The Barn volgt vervolgens een curiositeit: Victor Wainwright solo! Dezelfde man die samen met zijn band ook het festival zal afsluiten.

Volgens de presentator een zeldzaamheid, aangezien de Amerikaanse toetsenvirtuoos vrijwel altijd met zijn band The Train optreedt. De Amerikaanse toetsenist Victor Wainwright komt uit Savannah, Georgia; de man heeft een oeuvre dat aan dat van Jon Cleary doet denken al is zijn stem wat rauwer. De meervoudig Blues Music Award winnaar werd zoals zovele blues pianisten beïnvloed door legendes als Jerry Lee Lewis en Ray Charles.

Met de introductie dat Victor weinig solo optreedt nog in gedachten begrijp ik gedurende de set waarom. De man komt mij nu niet echt enthousiast over; dat zijn ogen verschuilen achter een zonnebril helpt ook niet echt om tijdens een solo-set contact met het publiek te leggen vind ik. De set wordt begonnen met een veel te lange introductie over “lumber jack camps” dat uiteindelijk naar zijn grootvader teruggrijpt en een ommetje maakt naar een nummer van Otis Spann ‘It Must Have Been The Devil’.

Wainwright is zonder twijfel een uitstekende pianist, maar dit solo-optreden wordt geplaagd door ellenlange introducties en omwegen die de vaart volledig uit de show halen. Hierdoor liggen sommige songs vijf minuten uiteen. Interessant? Zeker. Te lang? Absoluut.

Het publiek begint wat te schuiven op de stoeltjes én wordt er behoorlijk gewauweld iets waar het Belgische publiek zich zelden schuldig aan maakt. Ook ik kan m’n aandacht maar moeilijk bij de ‘boemeltrein’ van Victor Wainwright houden en besluit bij het volgende ‘tussenstation’ uit te stappen. Laten we hopen dat z’n optreden met zijn begeleidingsband The Train later vanavond in de grote tent wel van ‘grande vitesse’ zal zijn.

Gelukkig volgt er hierna in grote tent weer een artiest die direct ter zake komt. John Németh behoort al jaren tot de absolute top van de hedendaagse soulblues en zal in Ruisbroek opnieuw gaan bewijzen waarom. De in Boise, Idaho geboren maar tegenwoordig in Memphis residerende en tot ‘Best Soul Blues Artist’ bekroonde 51 jarige John Németh heeft de blues van dichtbij meegemaakt. De man heeft letterlijk gevochten voor zijn leven na een ernstige vorm van kaakkanker, maar gelukkig is op het podium daarvan niets meer te merken.

Slechts twee keer wist TBA? de man op een mooi podium te treffen, de laatste keer door wijlen Ton Kok. De man in zijn altijd kenmerkende overall wordt op Duvelblues omringd door Fabrice Bessouat achter de drumms.

Zijn ritmekompaan Antoine Escalier zien we weer op de bass en de man die ik al eerder in het publiek spotte Sean ”Mack” McDonald is de gitarist die Németh zal gaan ‘begeleiden’.

Ondanks zijn ziekte blijken zijn zang en spel op de Mississippi saxofoon helemaal niets aan kracht te hebben verloren. Er wordt geopend met ‘Deprivin’ A Love’ van het 2020 album Stronger Than Strong gevolgd door ‘May Be The Last Time’ van zijn gelijknamige Grammy-winning album uit 2022, gelukkig is die gedachte niet bewaarheid gebleken. Met de woorden “I’m a country boy so take me to the country” horen we ‘Country Boy’ dat Németh na het overwinnen van de ziekte in 2023 opnam op Live from the Fallout Shelter: Celebrating 20 Years.

Sean McDonald krijgt meerdere keren de ruimte om zijn kwaliteiten te tonen en bewijst wederom waarom hij momenteel tot de interessantste gitaristen binnen het genre behoort. Sean krijgt de spotlight als hij ‘Killin’ Me’ zingt én een lesje geeft in hoe je gevoel uit je gitaar moet halen.

Wat kan die knaap toch spelen zeg! Begeleider van Németh is een toch wel ietwat té eufemistische term voor een gitarist van zijn kaliber. John Németh blijkt jarenlang als truckchauffeur de kost te hebben verdiend, met de armen op het stuur bespeelde hij al rijdend langs de plains van de diverse staten de mondharmonica.

We luisteren naar het funky ‘Elbows On The Wheel’ waar niet alleen zijn blues-harp de boventoon voert maar ook zijn soulvolle stemgeluid. ‘I Can See Your Love Light Shine’ dateert weer uit 2020 (Stronger Than Strong) waarmee we langs de gospel schuren.

Een goede set van John Németh en zijn begeleiders maar het moet gezegd; Németh en McDonald zijn wat mij betreft geen match want wanneer blues-harp en gitaar tegelijkertijd voluit gaan, ontstaat soms een klankmuur waarin beide instrumenten elkaar in de weg zitten. Maar dat neemt niet weg dat Németh een uitstekende set aflevert.

Tja, en dan proberen we na even ‘n hapje te hebben gegeten nog een plaatsje in The Barn te bemachtigen want daar zijn de meeste stoelen al ver voor aanvang van de show van Cabana Belgicana bezet. Deze naam zal bij Nederlandse TBA?-lezers niet direct een belletje doen rinkelen maar dit collectief huist een aantal klinkende namen. Laat ik de musici even aan u voorstellen, dames gaan voor….

Zangeres Sara De Smedt achter de piano maar ook de bass heeft voor haar geen geheimen, de man in het mooiste hemd van het festival Bart Vervaeck aan de pedalsteel en op gitaar, nog een snarenbuiger is Johan Heldenbergh die in de film The Broken Circle Breakdown tegenover Veerle Baetens de mannelijke hoofdrol speelde.

Zanger Nils De Caster bespeelt ook zo ongeveer alles waar ‘n bespanning op zit. Op het, voor dit gezelschap veel te kleine podium, zit de ritme-sectie verscholen die bestaat uit David Broeders op drumms en HT Roberts op de bass.

De man waarvoor de fotograaf van dienst al meerdere decennia de zalen voor plat loopt is de inmiddels bijna 82 jarige Roland Van Campenhout op vocals en gitaar. Cabana Belgicana is een Belgisch muziekproject dat blues, folk, country en Americana hoog in het vaandel heeft. Meteen bij opener waarvan ik de titel niet ken wordt ik meegezogen door zanger en in dit nummer ook de violist Nils De Caster, man wat ‘n stem heeft deze kerel!

Vanaf de eerste noten is duidelijk dat hier iets bijzonders gebeurt; iedere muzikant brengt een indrukwekkende hoeveelheid ervaring mee, iedere zanger overtuigt en iedere instrumentalist schittert! Wat een niveau, wat een muzikaliteit en wat een genot.

Vooraf het optreden had ik gehoord dat de ‘éminence grise’ van de Belgische blues – Roland Van Campenhout – slechts drie songs zou zingen. Al bij het tweede nummer in de set horen we een van zijn signature songs ‘Jelly Roll Baker’, De Caster zien we nog steeds op viool en Heldenburgh bespeelt de ukelele.

Toch wisselt Johan deze voor de vertolking van Willie Nelson’s ‘Good Hearted Woman’ voor de akoestische gitaar en zie ik de ukelele nu in de handen van Nils; smullen is het van Bart Vervaeck’s pedalsteel. Meer werk van grote tekstschrijvers volgen zoals Bob Dylan’s ‘Meet Me In The Morning’. Man, man, man wat is dit goed zeg!

Dit collectief hoort natuurlijk eigenlijk op het grote podium thuis; iedere muzikant afzonderlijk speelt en zingt met een overtuiging dat maar weinig wordt gezien. Soms denk ik zelfs een vergelijking met JJ Cale te kunnen maken als ik De Caster beluister.

Roland zingt nog maar eens het nummer waar hij menig festivalbezoeker in het verleden mee ontroerde: ‘St. James Infirmary’; zo breekbaar maar zó mooi! Er komt nog veel knap werk voorbij waarvan ik helaas de titels niet ken maar neem van mij aan: àlle vocalisten stonden in de kleine tent op Duvelblues méér dan hun mannetje! Wat heb ik hiervan gesmuld; ik hoop waarachtig dat ik het nóg eens mag en kan meemaken. Soms gebeurt er op een festival iets wat je vooraf niet ziet aankomen. Cabana Belgicana is zo’n moment. Cabana Belgicana: de verborgen parel van het festival!

Nadat de hagelstenen zo groot als knikkers het terrein hebben geteisterd is het tijd voor Justina Lee Brown (23 Juli 1984) en haar band. Justina Ogunlolu zoals ze ‘off stage’ heet zagen we ooit op Swing Wespelaar van 2015. Helaas mocht haar optreden op de door Nederland georganiseerde Europese Blues Challenge in 2020 geen doorgang vinden door de lockdown t.g.v. Covid19.

Brown won n.l. in 2019 de Blues Challenge van Zwitserland, het land waar de Nigeriaanse uit Lagos jaren geleden neerstreek om haar blues aan de man te brengen. Tóch behaalde de blues-diva op de International Blues Challenge van Memphis de halve finale!

Inmiddels heeft Justina na twintig jaar blues het genre wat losgelaten en laat ze een meer Afrikaans geluid horen, maar zelf omschrijft ze het nog altijd als ‘Afro-Blues’. Nog steeds zijn de vocalen van deze flamboyante Justina Lee Brown heel krachtig.

Haar band bestaat uit ritme-sectie Lou Cruz op bass, de vaste drummer Chrigel Bosshard is vervangen door een voor mij onbekend gebleven drummer, Carlo Menet op gitaar speelt de sterren van de hemel en David Stauffacher zien we op de percussie.

Haar meest recente album is getiteld Echoes Of Home en juist dàt zullen we vandaag op Duvelblues voorgeschoteld krijgen. We zijn klaar voor een mix van genres, blues en wereldmuziek.

Openen doet de band met ‘Aramide’ dat overrompelt, haar stem heeft aan diepgang gewonnen sinds onze laatste keer dat we trotse Afrikaanse zagen optreden. De song wordt gezongen in het Yoruba de taal van de stam van haar vader. Het is even wennen maar goede muziek overstijgt zoals zo vaak iedere taalgrens. ‘On My Way’ komt van het album Lost Child en is weer in het Engels, het album zag in 2023 het levenslicht en werd met de Best Self-Produced Blues CD Award bekroond door de Zwitserse Blues Foundation.

Het optreden is sterk, de band is in top vorm, met name de gitarist Carlo Menet verdient een aparte vermelding. Zijn aanslagen op de gitaar doen bij tijd en wijle denken aan de desert blues van Tinariwen en Tamikrest; ik houd ervan.

‘No Time’ heeft een Calypso-achtige ondertoon met die levendige, gesyncopeerde ritmes die ons meteen naar exotische cocktails doet verlangen. Ook weer van haar nieuwste album komt een song over vergeving ‘Dariji’ dat weer in het Yorubu wordt gezongen en een mooie ballad is. Justina schakelt schijnbaar moeiteloos tussen kracht, emotie en elegantie.

Een van mijn persoonlijke favorieten van deze set zal toch wel het dansbare ‘Shege’ zijn waarbij ik volop geniet van percussionist David Stauffacher maar ook zeker van gitarist Menet. Ondertussen is Justina Lee Brown nog steeds stemvast en weet ze haar publiek gemakkelijk te boeien ondanks dat zij een variant op de blues brengt.

Een song dat werd geschreven nadat de jonge Justina het hoofd op hol werd gebracht door ‘n man die er meerdere vrouwen op na hield werd op de plaat gezet om de nog naïeve jonge Afrikaanse meisjes te waarschuwen voor dit soort mannen, ‘Mr. Bizi Bizi’ is het gevolg geworden; persoonlijk een van de mindere songs van deze toch wel heel bijzondere set.

Nog een ballad dat slechts door gitarist Carlo wordt begeleid heet ‘Billiki’ voor het woord is er niet echt een vertaling maar het symboliseert wijsheid, heerser en koningin. Dat laatste is op deze ervaren geworden zangeres en entertainer ab-so-luut van toepassing; Justina Lee Brown is de Queen van de Afro-Blues!

In ‘The Barn’ wordt het laatste optreden verzorgd door de Noord-Ierse Dom Martin uit Belfast. De autodidacte Dom Martin (1990) brak in 2019 overtuigend door in de muziekscene met zijn kenmerkende gitaarspel en rauwe, authentieke “Belfast Blues”-stem – ongetwijfeld gevormd door zijn jeugd in de ruige straten van Noord-Ierland. Zijn muziek ademt levenservaring en oprechte emotie; hij heeft zijn plek in de blueswereld dan ook meer dan verdiend.

Zijn stijl roept herinneringen op aan grootheden als John Martyn en Rory Gallagher, waarbij hij door sommigen zelfs wordt gezien als de spirituele opvolger van Gallagher. Dom Martin sleepte al meerdere prijzen – UK Best Instrumentalist Award 2022, 2023 en 2025 – voor zijn akoestische werk in de wacht. Ook blueslegende Walter Trout is fan; hij noemde Dom een unieke, eerlijke en krachtige artiest.

Dom solo: geen band, geen effecten, geen afleiding alleen een akoestische gitaar en een stem vol verhalen. Voor de aftrap van zijn solo-set heeft Dom gekozen voor een cover van John Martyn’s ‘Discover The Lover’; hij zingt de zin “sometimes, some kind of sadness shows upon your face” en juist dàt vind ik meestal van Martin. De man heeft iets melancholisch, iets schuchters ondanks dat zijn stemgeluid zeer krachtig is. Humor heeft de Ier wel als hij ons vraagt even te laten weten of we de volgende nog niet opgenomen song wat vinden want zo niet kan hij een pak geld besparen het niet te recorden. We horen voor het eerst ‘Haunted’, een gedreven nummer.

Ook een fenomenale cover van John Prine’ ‘Souvenirs’ staat op Dom’s set-list. Ik droom weg bij zijn woorden “well, it took me years to get those souvenirs and I don’t know how they slipped away from me” en ik herinner me al die mooie optredens die ik in m’n leven heb mogen zien. Ook overdenk ik het ouder worden…….misschien herinner ik me later niks meer van al die mooie shows.

Nog zo’n pareltje is het eigen gepende ‘Easy Way Out’ ondanks dat de titel anders doet vermoeden gaat de song over dat er géén ontsnappen aan is. ‘Belfast Blues’ dat van het met de 2024 UK Blues Award bekroonde album Buried In The Hail komt is de opvolger. Het grommende vocale einde staat in schril contrast tot het geluid van de akoestische gitaar dat soms licht als een waterval op mij overkomt, je wordt er stil van.

Datzelfde gevoel zullen meerdere bezoekers hebben gehad want Dom Martin bedankt ons aandachtige luisteren met “you can be proud, I could hear a pin drop”. Een mooier compliment kun je als publiek nauwelijks krijgen. De oprechtheid in zijn stem en beleving van de teksten samen met de fingerpicking style hebben mij toch verrast. Dom Martin bewees vandaag dat hij veel meer is dan alleen een bluesrockgitarist. Hij is bovenal een verhalenverteller en vandaag op Duvelblues heb ik hem leren kennen als een gepassioneerd solo artiest.

Victor Wainwright & The Train uit de US mogen Duvelblues 2026 afsluiten. Frontman/pianist/zanger Victor zagen we eerder vandaag in The Barn een solo set weggeven waar ik niet echt van onder de indruk raakte. Laten we hopen dat hij samen met zijn band – The Train – wel kan imponeren.

The Train zijn: gitarist Pat Harrington, de blazerssectie bestaat uit saxofonist Gavin Jorgensen en trompettist Chandler Judkins, de ritmetandem wordt gevormd door drummer Sam Butts Jr. en bassist Terrence ‘Sweet T’ Grayson.

Victor wordt door Sweet T aangekondigd als “the master of disaster, the kitten of the keys”; in de eerste beschrijving kan ik me meer vinden dan in de laatste want een “kitten” was Wainwright al een aantal kilo’s geleden niet meer.

Er wordt geopend met ‘Hey Bo Diddley’ van ‘the man himself’ Bo Diddley en waarvan later het ritme voor altijd bekend zal staan als het Diddley-ritme. De solo van gitarist Pat Harrington is werkelijk van hoog niveau! Jammer dat het volume ook nu weer net als bij de openingsact PD Martin weer niet te harden is. We horen tijdens de opener ook nog een snippet van ‘Who Do You Love’.

Bij het derde nummer ‘Wiltshire Grave’ dreigt The Train wat uit de bocht te vliegen, het gierende orgeltje doet ook bijna pijn aan de oren. Hoewel de set werd ingezet met een paar covers, horen we ook een eigen werkje ‘Walk The Walk’ dat gevolgd wordt door ‘Thank You Lucille’ dat ook weer uit Wainwright’s pen ontsproten is.

Ondanks dat er al veel publiek vertrekt gaan Victor en z’n mannen onverdroten verder met ‘Shake A Tailfeater’, desondanks komt ook deze set op mij vooral over als een ontregelde dienstregeling van de NS. Met toch een klein teleurgesteld gevoel over de afsluiter verlaat ik dan ook voortijdig deze set.

Wanneer de festivalstoeltjes weer zijn ingeklapt, de auto ‘en route’ is en de tank met Belgische benzine is gevuld, kan de balans worden opgemaakt. De grote winnaar van Duvelblues 2026 is voor mij zonder enige twijfel The Buttshakers. Hun combinatie van soul, energie en podiumkracht was simpelweg weer onweerstaanbaar. Op de tweede plaats eindigt het magistrale Cabana Belgicana, terwijl Justina Lee Brown voor de grootste verrassing van de dag zorgde. Maar eigenlijk wint vooral Duvelblues zelf, want ondanks de hitte, de hagelbui en een enkele technische misser blijft dit festival een sympathiek, gastvrij en muzikaal interessant evenement in de Lage Landen.
De verslaggevers van de The Blues Alone? bedanken Gust en z’n team voor de gastvrijheid. Natuurlijk ook àl die vrijwilligers die een kleinschalig festival als het Duvelblues mogelijk blijven maken. Grote dank en wellicht tot ziens op de laatste zaterdag van Mei in 2027!


