Het Gevarenwinkel Blues & Roots Festival vond plaats op 28, 29 en 30 Augustus 2025 in Varenwinkel-Herselt (BE). Hieronder het sfeerverslag van Zaterdag 30 Augustus. Tekst door Nicolette Johns met foto’s van José Gallois. Klik HIER om het gehele album te kunnen bekijken.
Na een welverdiende nachtrust en een goed ontbijt komen we weer via de toeristische route ruim op tijd in Varenwinkel aan. Omdat de buienradar aangeeft dat er nog een bui zal gaan passeren verkiezen we dit even af te wachten alvorens we ons bij de – altijd weer vrolijke – ontvangers van het 27e Gevarenwinkel Blues & Roots Festival te vervoegen. We verzekeren ons eerst van een plekje voor ons stoeltje voordat we de bonnetjes aan gaan vullen bij de kassa. Nadat we ook daar weer vriendelijk geholpen zijn steken we ons licht op back-stage voor een lekkere decafé en begroeten we de eerste arriverende fotografen.

Zoals gebruikelijk op Gevarenwinkel wordt de opening van de festivaldag verricht in de roots-tent, vandaag de eer aan het Belgische Bourbon Street. De band is mij live onbekend gebleven tot nu maar via de socials heb ik leuke berichten en clips voorbij zien komen. Bourbon Street bestaat uit frontman/zanger Mario Jossels, drummer Wilfried Claesen vormt samen met bassist Alex Rozka de ritme-sectie, blues-harpist Luc Boonen én een gitarist die we vaak eerder zagen optreden bij The Bluesbones, Sugar Queen en Chilly Willy; Andy Aerts op gitaar. Andy heeft zich in 2021 bij de inmiddels 15 jaar bestaande band gevoegd en daarmee hebben de overige bandleden een nieuwe impuls gekregen met vele optredens tot gevolg. Meteen valt de rokerige, door sterke drank gevormde stem van Mario Jossels op als we ‘Monday Lovers’ van achterin de tent beluisteren.

Mario laat geen moment onbenut om het publiek op zijn hand te krijgen. Niet alleen is hij een pur-sang frontman maar ook is zeer charismatisch en energiek. De mannen hebben er zin dat is wel duidelijk als ik ‘Hometown’ met een zéér bekwame blues-harp intro van Luc ‘Daddy Bean’ Boonen beluister. De opvolger ‘Mississippi River Boat’ is net als de voorgaande zelf gepend en juist dat vind ik altijd een aanwinst voor een band, kan je dat niet dat sta je als snel te boek als coverband. Langzaam besluit ik het geheel vanaf de voorkant te gaan beleven. Geen verkeerde keuze want al snel ben ik getuige van een héle goede vertolking van Johnny Copeland’s ‘Rolling With The Punches’ waarbij Luc de orgelpartijen op z’n mondharmonica speelt, ‘Daddy Bean’ heeft nu ook ‘n Nederlandse fan!

Even op adem komen we bij ‘The Owl, een fijne slow blues waarbij Andy ‘Slick’ Aerts een zeer smaakvolle solo ten gehore geeft op zijn Gibson. De man zat al langer in m’n hart maar Andy Aerts bevestigt hier op het Gevarenwinkel Blues & Roots Festival nog maar eens waarom de fotograaf van dienst en ondergetekende al lang geleden gecharmeerd raakten door zijn spel.

We gaan naar zoals de naam van deze Belgische band al doet vermoeden nu écht naar New Orleans als het opzwepende ritme door ‘Chopstick Will’ op de drummvellen de tent in wordt geknàld!

Het nummer heet ‘Boom Boom Baby’ en blijkt een vast onderdeel van hun set-list te zijn want ik zie vele Belgische fans het nummer met volle overgave meezingen. Ook hiermee is sfeermaken een fluitje van een cent voor frontman Mario. De opvolger is een cover van ‘Don’t Turn Me In’ dat door Guy Forsyth werd geschreven over de “second depression” die rond 2008 in de States de kop opstak. De begeesterde beat van ‘Chopstick Will’ maakt van me meester maar ook de bazige bass van Alex ‘Lowdown’ Rozka is niet te versmaden. Lekker collectief dit hoor!

Bourbon Street gaat eruit met ‘Good In My Neighbourhood waarin ook Alex Rozka een vocale bijdrage levert en een mooi duel te zien is tussen de blues-harp van Luc Boonen en de gitaar van Andy Aerts. Toch mogen de mannen nog niet weg, er wordt onder aansporing van MC Den Huibbe gescandeerd om een bis-nummer. Die komt er ook; we horen nog een wel heule fijne cover van Cuban Heels’ ‘Craving You’ waarin natuurlijk een hoofdrol voor zanger Mario, gitarist Andy maar ook zéker voor die zeer getalenteerde Luc Boonen.

Bourbon Street wist moeiteloos zo vroeg op de dag het fris gewassen publiek in de roots-tent om te toveren tot een zweterige, kolkende massa die geen genoeg konden krijgen van de passievolle vocalen van Mario ‘Little M’ Jossels. Bourbon Street een band die niet zou misstaan op Delft Blues, Texel Blues of waar dan ook in Nederland!

Tijd voor napraten is er nauwelijks want op het grote podium staan The Blue Chevys die ook Belgische driekleur vertegenwoordigen. Volgens het programmaboekje stonden deze mannen ook al zo’n twintig jaar geleden op het podium van het Varenwinkelse festival en dat herhaalde zich in 2023 nogmaals. Ik had al eerder de eer deze band op een podium te mogen begroeten, in Wespelaar wel te verstaan nu alweer zo’n kleine tien jaar geleden.

Laten we eerst even de bandleden voorstellen; de frontman/zanger/blues-harpist heet Kris Bries, o.a. op de práchtige oranje Gretsch gitaar zien we Sven Smekens, lead-gitarist is Frederic Martello, de trompettist heet Brecht van Uytsel, de ‘backbone’ van de band wordt gevormd door drummer Philippe Martello (i.d.d. de broer van) en Jean-Luc Cremens op bass. Last but not least zien we Hnita Jazz Club man Jan Ursi achter de toetsen.

The Blue Chevys timmeren met uitzondering van de trompettist – hij is nog maar in ‘his twenties’ als ik het goed heb verstaan – al een dikke dertig jaar aan de muzikale weg. Er wordt geopend met het uptempo ‘The Night Calls’ de titeltrack van het 2022 album, alle instrumenten komen hier lekker aan bod. We horen een fijne vocale partij van Kris Bries maar hij schittert ook meteen op de blues-harp.

‘Caught In The Middle’ is een showcase voor Kris’ rauwe vocalen maar ook zeker voor de beide gitaristen van deze ‘blauwe klassieke sleeën’. Genieten doe ik van Sven’s ‘twang’ à la Dale Watson in ‘Got That Feeling’. Maar ook lead gitarist Frederic Martello is een vakman!

Zelfs na de toestanden met de gitaarversterker én de zangmicrofoon die er midst het optreden de brui eraan geven weten deze mannen zich te herpakken en zetten een zeer entertainende maar ook kwalitatief sterke set neer. Jan Ursi is tijdens deze song de meester van de maracas waarbij ik op zijn ritme maar graag mijzelf uit het stoeltje hijs…..

Deze set, een mix van rhythm & blues, Americana, rock ‘n roll en rockabilly, biologeert de toeschouwers zoals bij de titeltrack van de 2016 EP ‘Turn It Back’ dat een triomferende trompetsolo huist van Brecht van Uytsel; smaakvol, zéér smaakvol!.

Het gehalte van de zelfgeschreven songs die The Blue Chevys hier vandaag op de 27e editie van Gevarenwinkel Blues & Roots Festival brengen zijn van hoog niveau.’Sitting On A Stone’ is stevig met ‘n lekkere distortion op de blues-harp en de absolute affectueuze afsluiter heet ‘Snakes’. The Blue Chevys; een band die met dit optreden bewezen heeft dat herenigingen wél kunnen werken!

Naar de rootstent voor een man uit Oostenrijk want daar staat Prinz Grizzley and His Beargaroos geprogrammeerd. Oostenrijk komt daar blues en roots vandaan zult u zeggen? Ja wel degelijk als ik u de namen van Meena Cryle, Chris Fillmore en van Ripoff Raskolnikov (origine Hongaars/Oostenrijks) noem. Deze man werd door de programmeur ontdekt tijdens diens bezoek aan het optreden van Seasick Steve waar Prinz Grizzley in het voorprogramma stond. Chris Comper zoals de Oostenrijkse prins zonder koninkrijk in het dagelijkse leven heet, leent zijn doorrookte en zijn soms wat nasale in schnaps gedrenkte stem aan een blend van de pedal steel gitaar van Johanness Bischof en het honky-tonk ritme van drummer Andreas Wettstein en bassist Claude Meier.

‘Wide Open Country’ is de opener van de set van deze linkshandige – althans op gitaar – Chris Comper en ik moet zeggen dat ik al meteen weet dat de Low Lands ook voor Prinz Grizzley wijd open liggen want zijn stemtimbre onder begeleiding zijn akoestische gitaarwerk samen met Bischof’s pedal steel maakt dat het kippenvel me op de armen staat.

‘Got Nothing To Prove’ zingt de prins maar juist dàt doet hij wél. Comper bewijst dat er mooie Americana op de glooiende heuvels van Oostenrijk gemaakt wordt én dat er accentloos Engels gezongen kan worden door Duitstaligen! Bluegrass laat de menigte op en neer springen als we ‘Mountains Milk’ horen. Een nummer over dat het drukke stadsleven en de prins geen match zijn, de snelheid waarmee Johannes de pedal steel hierin bespeelt is ontzagwekkend.

De rust in de tent wordt terug gebracht met het smaakvolle ‘Nothing Left But Scars’ met een meezinger – ‘The Shovel’ – als opvolger. Ja ik ben onder de indruk van de diversiteit van Prinz Grizzley’s aanbod maar de man heeft dan ook al een drietal albums op de markt gebracht waarvan Dear Leftovers uit 2024 de laatste is. Van datzelfde album komt ook ‘He Ain’t Me’ dat zo uit Nashville’s kraamkamer zou kunnen komen. Prinz Grizzley een absolute aanrader om te gaan zien als u fan van Americana c.q. Altcountry bent!

In de grote tent is het zo langzaamaan tijd geworden voor de eerste échte bluesman van deze afsluitende festivaldag op de weide van Varenwinkel. Sean ‘Mack’ McDonald, een nog maar vierentwintig jarige gitarist/vocalist uit Augusta – Georgia.

Wij zagen de jonge man voor het eerst performen op de tweede editie van de Haarlem Blues Night georganseerd door Thomas Toussaint in Patronaat. Net als Jovin Webb, Jontavious Willis en Buffalo Nichols maakt Sean McDonald deel uit van nieuwe generatie bluesartiesten die de States nu weet voort te brengen.

Ook hier op Gevarenwinkel wordt ‘Mack’ begeleid door het Franse Soulshot bestaande uit ritme-sectie Julien Dubois op de bass en Fabrice Bessouat op drumms. Toetsenist Cédric Le Goff wordt vandaag vervangen door saxofonist Sylvain Tejerizo.

‘Mack’ wist al vroeg (7 jr.) dat de gitaar het zou gaan worden waarmee hij de wereld wilde veroveren nadat hij op zijn tweede (!) gestart was piano én drumms. Tijdens een bezoek aan de plaatselijke gitaarwinkel op z’n vijftiende speelde hij een stukje Dust My Broom alwaar hij werd opgemerkt door iemand met connecties in de bluesscène. Inmiddels beslaat zijn oeuvre o.a. blues van Freddie King, T-Bone Walker tot Robert Johnson maar ook de rock ‘n roll van Chuck Berry staat op zijn set-list. Na zijn performance in 2022 op King Biscuit snelde zijn bekendheid hem vooruit, nu dus voor een groot publiek in België.

Inmiddels heeft McDonald zijn eigen speelstijl ontwikkeld op de Gibson Gold Top Les Paul maar er staan nog maar weinig orignals van zijn hand op de set-list toch geniet ik met volle teugen van Little Milton’s ‘Country Style’ van, de Johnny Otis cover van ‘If You Ever Get Lonesome’ waar de spotlights opnieuw gedeeld worden met “Sly Sax” zoals Sean saxofonist Sylvain liefkozend noemt.

Ook mag ik genieten van Mack’s delicate beroering van de snaren tijdens het meer dan honderd jaar oude ‘Blame It On The Blues’ van Charles Cooke dat in ragtime werd geschreven maar Sean wel zich eigen heeft gemaakt. Zo komen er nog meer covers voorbij zoals ‘Something’s Wrong’ van Ray Charles en Chuck Berry’s ‘Too Much Monkey Business’ dat overgaat in ‘Maybelline’ staan ook weer op het programma.

Sean ‘Mack’ McDonald is een virtuoze gitarist die verschillende speelstijlen aan kan, een goede vocalist maar kan hij het in de muziek volhouden met alleen covers zonder eigen werk te schrijven? We zullen het gaan zien, vooralsnog geniet het publiek met volle teugen van deze jonge man en zal de toekomst het uitwijzen of deze hem ook goedgezind is.

De volgende act in de rootstent ligt me na aan het hart, mede omdat hij een Rotterdammer is maar meer omdat ik al sinds zijn 2019 optreden met z’n eerste band Bourbon Avenue in de Vlaardingse Kroepoekfabriek van m’n sokken geblazen werd door het talent dat deze zingende drummer aan de dag legt. Ik heb het natuurlijk over Marlon Pichel. Maar zoals Marlon nooit verzuimt te melden is hij niemand zonder zijn zes begeleiders.

We begroeten ook deze keer in Gevarenwinkel weer Stan de Kwaadsteniet die van de drumms naar de toetsen naar de gitaar pendelt én ook een moppie meezingt. Marc Jansen zien we op gitaar en vocals en ruit de boel keer op keer op, Brian Kruit op de bass/backing vocals. De blazerssectie wordt gevormd door Frank Groenendijk op de baritonsaxofoon, Bart van der List op trompet en Paul van de Calseijde op de tenorsaxofoon.

Wat kan ik nog schrijven dat ik nog níet over dit collectief Marlon Pichel geschreven heb? Het vele optreden op grote en kleine festivals, in grote en kleine zalen, met bekende musici of minder bekende musici maken dat deze band steeds professioneler wordt. De frontman weet waar hij voor gecontracteerd wordt; een feestje met zijn crossover van soul, rock ‘n roll, gospel en roots bouwen. Dat muzikale feestje bouwen doet deze band nog steeds met volle inzet, het speelplezier van alle mannen spàt gewoon van het podium!

Frontman Marlon wordt in media al betiteld als de “upcoming king of rock and soul”, het debuutalbum Good Ol’ Loving (2023) vormt nu nog de basis van zijn shows maar binnenkort zal er een nieuw album opgenomen worden waarop de opener van deze set ‘Took You To The Movies’ en opvolger ‘Crazy Daisy’ (zo vertelde hij op Hookrock) het levenslicht zullen zien. Al in eerdere verslagen kon de trouwe bezoeker van TBA? lezen dat de sound van deze band doet denken aan soulmannen als Sam Cooke, Wilson Pickett en Otis Redding, maar het wordt nergens een slechte kopie.

‘Shake It’ komt dan wel weer van Good Ol’ Loving, waarbij de saxofoon van Frank Groenendijk goede sier maakt aan de rand van het podium. ‘Please, Please, Please’ herbergt een goddelijk gitaarsolo van gitarist Marc Jansen.

Inmiddels heeft ook Sean ‘Mack’ McDonald zich voor het podium aangesloten, hij geniet zichtbaar (hij slaat als goedkeuring keihard op het podium) als Stan de Kwaadsteniet een bangelijk goede solo op de toetsen brengt en filmt de sax-solo. En op de bronstige bass van Brian maakt hij net als het publiek enthousiast een dansje.

Een dik uur is voorbij gevlogen als we bij ‘Feeling Alright’ Stan de Kwaadsteniet weer de gitaar zien pakken en gitarist Marc Jansen ter aarde stort tijdens de apotheose van deze alweer vrolijke viering van vaardigheden van zeven niet-te-stuiten musici die samen de band Marlon Pichel naar steeds grotere prestaties stuwen.

Ik schreef het al eerder na een show van Marlon Pichel en zijn band……geniet, geniet, want morgen kan het misschien niet! Marlon Pichel en zijn mannen maakte hun belofte wéér waar en hielden woord; ook hier op Gevarenwinkel werd het optreden weer een feestje. Marlon Pichel en zijn band heeft na Nederland nu ook België aan hun voeten liggen, een kwestie van tijd tot de rest van Europa volgt!

We bekomen even van dit feestje met een soepje want de wijzer van de klok staat al op acht uur maar van uitbuiken is geen sprake want in de grote tent staat G. Love & Special Sauce uit Philadelphia al eventjes op het podium. Ergens staat er nog een cd – gekocht in de jaren negentig – van deze Garrett Dutton zoals G. Love in z’n paspoort heeft staan in de platenkast. De eerste keer dat G. Love & Special Sauce in België optraden is dertig jaar geleden vertelt G. Love ons. De band heeft een hip-hop achtige, groovy stijl van muziek maken maar z’n laatste album is al zes jaar oud maaaaarrrr hij maakte die wél met niemand minder dan Keb’ Mo en het veelbelovende gitaarwonder Marcus King. G. Love & Special Sauce combineren met gemak blues met rap met funky soul. Een unieke beleving, niet in de laatste plaats door zijn overweldigende charismatische benadering van het aanwezige publiek.

De speciale saus heeft als ingrediënten contra-bassist Jim Prescott en drummer Jeffrey Clemens en samen met G. Love kookt de pot over van kwaliteit maar ook zeker speelplezier. ‘Blues Music Season’ vertegenwoordigt het blues ingredient van de stoofpot die ze vanavond voor het publiek in de slow-cooker bereiden.

Die stoofpot staat al 30 jaar op het menu van G. Love & Special Sauce en heeft hen een vaste fan-base opgeleverd van crossover-luisteraars die misschien niet in de eerste plaats fans van hip-hop of rap zijn. We horen een lekker nummertje onder de titel ‘Kiss & Tell’ dat in de Zebra Studio van Jim Dickinson werd opgenomen aldus G.’s introductie.

Het bijwonen van deze set voelt als een soort after-party waarbij ik – ondanks het verbod in de tent te roken – bijna onwel word van de zoete dampen van de cannabis. De hippies van weleer hebben de tijd van hun leven bij ‘Shooting Hoops’ en scanderen op aanwijzen van adhd-er G. Love “basketball” gewillig mee.

Al snel merk ik dat ik G. Love’s stijl wat ontgroeid ben en eigenlijk vind ik dat de 53 jarige G. Love dat ook een beetje is. Toegegeven de man werkt zich behoorlijk in het zweet, heeft veel plezier maar kan mij helaas niet over de streep trekken wat overigens meer over mij zegt dan over het energieke en muzikaal goede optreden van G. Love & Special Sauce. Ik ga nog een decaféetje drinken alvorens ik naar de rootstent trek voor de sensatie van het afgelopen Moulin Blues.

Het licht in de rootstent wordt uitgedaan door Les Greene & Don Diego Trio. Trad de flamboyante Les tijdens zijn Europe tour in Mei nog op met zijn Amerikaanse Swayzees op deze tour heeft hij gekozen voor een Europese band, uit Italië wel te verstaan.

De naamgever van het trio is gitarist Don Diego Geraci, de bassist heet Giulio Farinelli maar de vaste drummer Andy Caligaris van dit, in het rockabilly circuit zéér gerenommeerd trio, wordt vandaag in België vervangen door Mattia Bertolassi (grazie Diego).

De vierendertig jarige Greene werd geboren in Baltimore, MD maar ging op zeer jonge leeftijd met het gezin terug naar Guyana zo vertelt hij openhartig aan zijn toehoorders. Wat hij ook vertelt is dat hij een ander kind dan z’n drie broertjes en zusje was…..een buitenbeentje die zeer ongelukkig was en al op jonge leeftijd een zelfmoordpoging ondernam.

Zijn seksuele geaardheid lag aan de grondslag van zijn depressie maar Sam Cooke’s A Change is Gonna Come betekende de ommezwaai aldus Greene. Vervolgens kwam hij via zijn job op een cruiseboot terecht op Key West en wist een open mic avond aldaar in contact met de band Patrick & The Swayzees komen. Hij trad toe tot The Swayzees, waarna hij na Patrick’s vertrek de nieuwe frontman werd. Inmiddels is de flamboyante Les Greene z’n eigen man én “a liberated, independent soul” en wil hij zijn muziek met de hele wereld delen.

Net als Jovin Webb deed ook Les Greene mee aan American Idol en hij werd zelfs voor de zangstem van Little Richard gevraagd in de film Elvis. Toch kan ik me niet aan de gedachte onttrekken dat Les moet zijn begonnen als danser zéker gezien zijn versleten dansers schoeisel. De nummers volgen elkaar in hoge tempo op, net als Les Greene zelf in hoog tempo van hot naar haar vliegt. De aanwezige fotografen kunnen de man maar moeilijk volgen, hij gebruikt het hele podium, springt, danst en doet zelfs flikflaks!

‘Cry Baby As You Are’ is een ‘jawdropper’ wat kan deze man zijn gevoel overbrengen, verdriet, geluk maar ook hunkering naar die ene grote liefde. Les doet je denken aan de begindagen van James Brown, Otis Redding maar ook zéker aan Little Richard. Zijn show borrelt over, het is alsof de deksel van de straatput spuit, de energie die Les over weet te brengen maakt dat het publiek compleet uit de bol gaat en als was in zijn handen is.

Er wordt op Les aanwijzingen meegezongen, geantwoord en als Les de bezoekers in twee kampen deelt zingt men gewillige tegen elkaar op. ‘Reconsile’ is een sixties aandoende song zoals hij zelf zegt invloeden via het beluisteren van de radioshows opgedaan in Guyana tevens is het nummer een goede showcase van zijn bereik maar ook van zijn schrijverskwaliteit. ‘Baby’ is ‘n rock ‘n roller waar ik aan de gitaar hang van Don Diego Geraci, mijn hemel wàt ‘n goede gitarist is dit zeg!

De ritme-sectie van drummer Mattia en bassist Giulio voert het tempo nog wat op maar hoe rap het tempo ook, Les Greene kan het vocaal allemaal bijbenen. ‘Can You Keep A Secret?’ is alweer zo’n uptempo song, maar als ik zie dat Les al zingend zijn mic snoer aan het ontwarren is gebaar ik de fotograaf op te letten want Les zal ongetwijfeld het podium af komen. Mijn vermoeden wordt bevestigd als ik Les te midden het publiek op de weide zie zitten en zijn publiek vraagt dat ook te doen horen we ‘Down In The Keys’ een “break up song”.

Er komt nog een resem aan songs voorbij maar ik ben mee in de kolkende massa die aan de voeten ligt van deze Les Greene & Don Diego Trio en kan m’n koppie er maar moeilijk bij houden hoe ze allemaal heten. Hij skatt dat de stukken er vanaf vliegen, wat is dit goed! We horen natuurlijk ook waarom Les Greene gevraagd werd voor de film Elvis.

We horen Little Richard’s ‘Tutti Frutti’, ‘Rock It Up’, ‘The Girl Can’t Help It’ en ‘Ready Teddy’ met steeds weer die verdomd magistrale Don Diego op gitaar die met de tremelo-arm steeds weer smaakvolle tonen weet te produceren.

Les Greene & Don Diego Trio kwamen, zagen en overwonnen een volgepakte roots-tent op dit 27e Gevarenwinkel Blue & Roots Festival!

Nog maar net bekomen van deze overdonderende show staat alweer de finale te gebeuren van dit naar mijn mening zeer openbarende festivalweekend. D’n Doktoor kondigt voor de laatste keer deze editie een muzikant aan die zeker door de oudere bezoekers niet écht een belletje zal doen rinkelen. Gevarenwinkel 2025 sluit namelijk af met Fantastic Negrito het alter-ego van de 57 jarige Xavier Amin en zijn bijna onuitspreekbare achternaam Dphrepaulezz.

De man werd als achtste kind van vijftien (!) geboren in een orthodox islamitisch Somalisch gezin. Tijdens Xavier’s tienerjaren verhuist het gezin van Massachusetts naar California waar het mis gaat met de jonge Xavier, hij komt in contact met drugs en gaat zelfs dealen. Maar ook ontdekt hij de muziek en geïnspireerd door grote voorbeeld Prince leert hij zichzelf gitaar spelen.

Nog steeds in de coulissen van de muziekscène, een toxisch platencontract, belandt Xavier in een coma na een autocrash waarbij hij ook zijn rechterhand ernstig beschadigd raakt geeft hij de hoop op ooit nog door te breken. Echter de geboorte van zijn zoon Kyu geeft hem een nieuwe impuls om tien jaar geleden terug te keren naar de muziekindustrie. Het gaat hem eindelijk voor de wind, zo goed zelfs dat hij drie opeenvolgende jaren een Grammy voor Best Contemporary Blues Album voor The Last Days Of Oakland (2016), Please Don’t Be Dead (2018) en voor Have You Lost Your Mind Yet? (2020) in ontvangst mag nemen.

Fantastic Negrito, in een outfit die wel heel erg aan stijl van de deze zomer (9 Juni) overleden Sly Stone doet denken, heeft heel wat jongere bezoekers naar de festivalweide gemobiliseerd, dat is mooi om te zien. Een eclectische line-up weten neer te zetten voor jong en ouder publiek moet als een beloning voelen voor een programmeur. De band bestaat naast de frontman/gitarist/zanger uit een bassiste, gitarist, toetsenist en een niet onappetijtelijke boomlange drummer met – volgens een Limburgse (vrouwelijke kennis) – zéker maat 54 schoen 😜.

Xavier’s protest tegen de nog immer durende – en in de VS nog steeds openlijk aanwassende – discriminatie horen we tijdens het ‘chaingang’ achtige ‘Ninja (eigenlijk nigga) Song’ dat te vinden is op The Last Days Of Oakland uit 2016. Wat meer funky is ‘Chocolate Samurai’ dat komt van het 2020 album Have You Lost Your Mind Yet? en is een song waarop ik lekker mee kan dansen. FN’s rauwe stem vindt ook makkelijke zijn hogere regionen.

Lichtelijk geërgerd door de babbelaars in het publiek vraagt de frontman om wat respect te tonen naar de andere toeschouwers die wél willen luisteren en naar de band of anders te vertrekken, Fantastic Negrito nú al een man naar m’n hart!

Ook al zag ik Fantastic Negrito op het Ribs & Blues van 2023 ben ik niet zo heel erg bekend met zijn repertoire maar langzaam ‘groeit’ er toch ‘n muzikale vriendschap tussen ons. Door de soulvolle blues ‘Working Poor’ bijvoorbeeld dat komt van het 2016 album The Last Days Of Oakland. Van zijn laatste wapenfeit Son Of A Broken Man uit 2024 horen we de bezwerende songs ‘Living With Strangers’ en ‘Devil In My Pocket’.

Van hetzelfde album komt de cover van Lead Belly’s ‘In The Pines’; eindelijk gaat er ook een golf van herkenning bij de oudere bezoekers van dit succesvolle 27e Gevarenwinkel Blues & Roots Festival door de tent. Fantastic Negrito een bijzondere man, een bijzondere boodschapper, een bijzondere ontdekking, een bijzondere belevenis!

Omdat we een dagje ouder worden zijn wij nog zelden present op een after-party dus de Atlanta Kings zullen voor een andere keer zijn, nu richting Nederland waar we morgen weer hele andere afspraken hebben dan met muziek.
De fotograaf en de reporter van TBA? willen de organisatie bedanken voor hun bezieling en natuurlijk de gastvrijheid, alle vrijwilligers danken we voor de goede zorgen, vanzelfsprekend bedanken we ook weer programmeur Bruno Verhoeven voor de steeds weer verrassende line-up! Gevarenwinkel Blues & Roots Festival 2025 was wederom een mooie ervaring, bij leven en welzijn is TBA? volgend jaar er graag weer bij!


