Het Gevarenwinkel Blues & Roots Festival vond plaats op 28, 29 en 30 Augustus 2025 in Varenwinkel-Herselt (BE). Hieronder het sfeerverslag van Vrijdag 29 Augustus. Tekst door Nicolette Johns met foto’s van José Gallois. Klik HIER om het gehele album te kunnen bekijken.
Door diverse inmiddels bekende redenen is het alweer zes jaar geleden dat ónze ‘heilige koe’ links afsloeg ter hoogte van de Wolfdonksesteenweg 160 om het terrein van het Gevarenwinkel Festival te bereiken. Voorgaande jaren werden de verslagen verzorgd door tekstschrijver Cis van Looy en fotograaf Leo Gabriëls, waarvoor nogmaals dank, maar 2025 is dit TBA?-setje als vanouds weer die optekent. Al voor de 27e keer wordt in het gehucht Varenwinkel in de Belgische gemeente Herselt een roots- en bluesfestival georganiseerd dat menig internationale gevestigde artiest mocht ontvangen maar de organisatie heeft ook een neus voor nieuw, aanstormend talent. Zo stond bijvoorbeeld Robert Jon & The Wreck voor het eerst in Europa in de – toen nog vele malen kleinere – roots-tent Gevarenwinkel. Het Belgische Gevarenwinkel Blues & Roots festival is met zijn pionieren op muzikaal ontluikend talent het equivalent van ons Moulin Blues, en dat is als compliment bedoeld.
Nadat we voor de blikken koets een plaatsje gevonden hebben is het een fijn weerzien met bekenden die we een week eerder op Swing Wespelaar zijn misgelopen c.q. niet gespot hebben. Een fijn weerzien is het ook met de toogmedewerkers waarvoor geen vraag te gek is. Toch moet er ook nog wat gedaan worden en dus snellen de fotograaf en ik ook voor de eerste act naar de roots-tent. Allereerst valt me na zes jaar afwezigheid op dat deze aanmerkelijk is vergroot, het is een volwassen tent geworden met een mooie, handige opstelling t.o.v. de grote tent. Ook het podium is een pak groter dan vroeger; fijn voor de bands die er optreden maar ook voor fotografen. Wij blijven in de buurt van de PA voor het beste geluid.

De band die na de introductie van Wim Huybrechts (op de socials beter bekend als “Den Huibbe”) het podium bemant heet The Flynts. De band vind hun thuis in Luik en bestaat uit frontman/zanger/gitarist Raphael Rufo, de tweede gitarist heet Boris Iwanow en de ritme-sectie bestaat uit bassist Luca Galet en drummer Gael Thiry.

Eerlijk gezegd had ik nog nooit van deze band gehoord maar ik houd van ontdekkingen, verrassingen en ga er dus met open vizier in! The Flynts worden aangekondigd als een band die de vinylplaten van hun vaders als een belangrijke inspiratiebron hebben. Veel luisteren naar Deep Purple en Led Zeppelin hebben hun invloed op de sound van deze “vuursteentjes”.

We horen een fijne mix van roots en rocky songs die het publiek zich graag liet smaken gezien de respons in gejoel en fors applaus. The Flynts brachten in 2024 hun debuut EP uit onder de titel First Spark daarvan horen als opener ‘Sacred Flint’, veel gitaargeweld en een rokerig rocky stemgeluid van Rufo, vurige gitaarsolo’s van Iwanow en veel koperwerk van drummer Thiry.

De hoge kopstem van Rufo doet veel aan die van Robert Plant denken. ‘White Lava’ is pakkend maar Rufo is niet overal even stemvast wellicht veroorzaakt door nervositeit want op Spotify klinkt het top. Zéker een band met veel potentie iets té rocky voor mijn ‘goesting’ maar voor de liefhebbers van DP en LZ het beluisteren waard!

Een kwartiertje later staat de eerste set te gebeuren in de grote tent; we installeren ons voor het optreden van David Newbould & Band. De naamgever van de band komt oorspronkelijk uit Toronto – Canada maar resideert na omzwervingen in de US, New York en Austin, nu in Nashville. Daar hoort een singer/songwriter als David Newbould ook het beste thuis lijkt mij; geïnspireerd raken door al die andere fantastische songwriters die Nashville rijk is. Tel daarbij nog eens al die vakkundige producers en goed geoutilleerde opnamestudio’s bij op en u begrijpt waarom Newbould al acht singles, ‘n vijftal EP’s én zeven (1 incl. DVD) albums uitbracht.

Volgens onze MC ‘D’n Doktoor’ werd zijn muziek zelfs in series als Criminal Minds en Dawson’s Creek gebruikt. Live in Germany – een prima registratie van een uitverkocht optreden in een Duitse club anno 2024 – is zijn laatste wapenfeit. Laten we hopen dat er hier op Gevarenwinkel nóg eens een schep bovenop gedaan wordt. Zelf niet bekend met het repertoire van David Newbould valt me wel metéén zijn stemtimbre op; het doet bij tijd en wijlen de herinnering aan de stem van de veel te jong gestorven George Kooymans oproepen.

De bandleden die David Newbould op zijn Europese tour begeleiden komen uit Zweden en heten achtereenvolgens: Matte Gustafsson op gitaar, op de bass zien we Joel Strandberg en Elias Ortiz op drumms. Newbould zal onze harten verwarmen met mooie liedjes geworteld in de Americana met soms een Roots-rocky twist. De opener van de set komt van het 2022 album Power Up en heeft de helaas nog immer toepasselijke titel ‘Ready For The Times To Get Better’.

“Verrassing” schrijf ik in het bekende notitieboekje. Ja, hier kan ik wel van genieten. Newbould hanteert hierbij zelf de akoestische gitaar maar Gustafsson schittert op de elektrische versie met een fijne surf sound. Bijna naadloos gaat het verder met het in het begin wat folky aanhorende ‘Rainy Day Heart’.

Als ik David de akoestische voor de elektrische gitaar zie verwisselen dan hoor ik Newbould zeggen dat we “track one” van het spiksplinternieuwe – nog maar14 dagen oud – album Average Fidelity Vol. 1 gaan horen. De song heet ‘Coin Flip’ en hemeltje wat is dit een fijne ontdekking deze Newbould!! In ‘Jean’ vraagt Newbould zich af of ze nog droomt, het nummer herbergt fijne harmonies en is ook voor het aanwezige publiek een makkelijke en lekkere meezinger.

Ook een nummer wat nog niet het levenslicht zag maar op het aanstaande album zal worden gezet staat op de set-list voor Gevarenwinkel; we zijn getuige van ‘Going Down With The Sinking Ship’ dat David weer op de akoestische gitaar ten gehore brengt. De song heeft een lekker rocky bruggetje dat ook hier weer door die steeds weer virtuoze Gustafsson de tent in wordt geschoten.

Geen wonder dat om half acht de menigte niet van wijken weet; er wordt terecht om een toegift gescandeerd. Gelukkig is de podiumklok gewillig en horen we nog ‘Don’t It Make You Wanna Dance’, dit Allman Bros-achtig nummer maakt inderdaad dat we allemaal willen blijven dansen op jouw muziek. David Newbould; een revelatie die ik zeker nog eens ga zien optreden. Nieuwsgierig geworden? Dinsdag 02 September a.s. zijn ze te zien in de Leidse Qbus. Dank aan Bruno Verhoeven voor deze kennismaking.

Al snel zie ik rond achten dat de volgende act in de rootstent dat Handsome Jack de bandnaam geen eer aan doet want knap zijn deze baardige mannen allesbehalve maar ze spelen wellicht wel ‘knap’. Handsome Jack zijn frontman Jamison Passuite op gitaar en vocals, Joey Verdonselli bass/vocals) en Bennie Hayes sluit de rijen op drumms. Al vaker in Nederland te zien geweest brengen deze mannen een mix van Southern Rock, Rock ‘n Roll en Blues, zelf noemen ze het “boogie soul”.

Frontman Passuite heeft zo’n schuurpapieren stem waar ik graag warm voor loop. De mannen komen uit de buurt van de Niagara Falls, beter gezegd Lockport (Buffalo)NewYork. Hun sound doet wat aan The Black Crowes denken waarvan de leden Casal en Robinson ook inmiddels van Handsome Jack’s bestaan getuige hun samenwerking en bewonderende uitlatingen in de media.

Je heupen gaan ondanks het wat ingetogen begin los op ‘Keep On’, het nummer komt van het album Everything’s Gonna Be Alright. De soms wat ijle stem van Passuite staat in schril contrast op zijn vurige gitaar. De bezwerende beat in ‘Right On’ van het album Do What Comes Naturally dateert uit 2014 maar staat live nog kaarsrecht!

‘Getting Stronger’ dat van hetzelfde album af komt is een stevige rocker die Jamison op zijn zo geliefde Japanse Tesco de tent in slingert. ‘Hard Luck Karma’ (Get Humble 2021) is een lekkere swampy rocksong, het vindt het midden tussen alle invloeden die Handsome Jack rijk is All Them Witches, Black Crowes en CCR. ‘Bad Blood’ is lekkere catchy maar toch donker en ruig zoals de oude hippies en bloemenkinderen hier op Gevarenwinkel aanwezig graag horen.

‘Baby Be Cool’ is voor een ‘bass loving girl’ zoals ik een traktatie, het is /n soulvolle song waarmee je al snel en makkelijk mee neuriet. Ik heb genoten van Passuite’s vorstelijke vocals, de bezielende bass ondersteuning van Joey Verdonselli en de brutale beat van Bennie Hayes. Dinsdag 09 September a.s. zijn ze te zien in de Leidse Qbus, AANRADER!!

Voor de eerste echte rhythm ‘n blues act moeten we naar de grote tent want daar begeleiden toetsenist Damien Cornelis (Malted Milk), bassist Abdell ‘B Bop’ Bouyousfi en natuurlijk drummer Denis Agenet uit Frankrijk de talentvolle Delanie Pickering uit Concord New Hampshire maar inmiddels vindt ze haar ‘peperkoekhuisje’ in Martha’s Vineyard – MA van de VS. Door mijn revalidatie was ik in April niet in de gelegenheid haar te zien optreden bij de Haarlem Blues Club, nu dus in de herkansing.

Ik schat Delanie gezien m’n research vooraf mijn kennismaking hier op Gevarenwinkel net geen dertig, hoewel ze veel jonger oogt. Dit charismatische, jongensachtige meisje met haar onafscheidelijke ‘baker-boy’ pet leerde na het ontdekken en beluisteren van haar vader’s vinyl collectie zichzelf gitaarspelen. Dat ze daar ‘n groot talent in is bewijst haar reeks aan succesvolle optredens hier in Europa.

De set wordt geopend met ‘Swing By’ en meteen pen ik in het boekje “oh wow dit is goed zeg!”, de pianoklanken van Damien Cornelis toetsenist van Frankrijks beroemdste soul band Malted Milk zijn hartverwarmend. Inmiddels lijkt de weidevloer van Gevarenwinkel wel op een goed gewaxte ballroom dansvloer want de beentjes gaan al meteen van de vloer. Delanie en haar Franse metgezellen weten dit door te zetten met Sugar Ray’s ‘Lasting Love’. Ja deze jonge vrouw is een natuurtalent! Een ‘slijper’ – ‘I Would If I Could’ – laat de (nog steeds) verliefde stelletjes volgen naar de ‘dansvloer’. Met volle teugen genieten is het van Cornelis achter de piano.

Wat volgt heet ‘Do Not Disturb’, de beat van die altijd goedlachse en genietende Denis Agenet doet in deze song wat denken aan Junior Wells’ Early In The Morning, het kan minder toch? Ondertussen verbaast Delanie Pickering de toeschouwers met haar gitaarskills maar ook zéker met haar fijne stemgeluid wat nergens overdone is. Bij ‘Here I Stand’ krijg ik kippenvel van de vertolking, deze slow, jazzy, laidback bluessong is wer-ke-lijk super, Delanie’s stem houdt hier het midden tussen Amy Winehouse en Susan Tedeschi. Haar gitaarspel – overigens zonder pick – in dit nummer is virtuoos. Superrrrr!!!

We horen dat ‘I Don’t Mind Sleepin’ Outside By Myself’ – net als veel bovengenoemde titels te vinden op Fallout Shelter dat Delanie met Johnny Hoy & The Bluefish maakte – door Delanie zelf geschreven werd. De song is een lekkere showcase voor bassist Abdell B Bop.

Haar stem klinkt hier weer lekker rauw, hees en furieus, haar opzwepende gitaarspel maakt dat de bezoekers uit hun ‘tent’ dak gaan! Een ode aan Darrell Nulisch horen we met ‘Worried’, lekkere swing maakt zich meester van de Varenwinkelse weide. Sterk staaltje r & b van Damien en lekkere groove van Denis.

Deze dame is in het verkeerde tijdperk geboren, ze zal op college wel een buitenbeetje geweest zijn, misschien zelfs gepest voor haar muziekkeuze. Gelukkig kan ze nu een lange neus maken want Europa heeft haar na Martha’s Vineyard nu ook in het hart gesloten! Alweer een zelfgepende song met de titel ‘Screwdrive Me Baby’ is een fijne swingende jump-blues waarbij ik maar moeilijk op m’n stoeltje kan blijven zitten.

Ja hoor, ook ik sta inmiddels ‘ouderwets sixties’ met de vingers te knippen, te knikken met het hoofd, de tikkende voet maakt geen geluid in het droge zanderige gras maar ook ik sta met de heupen te wiegen. Delanie’s gitaarspel is in ieder nummer helemaal ‘spot on’, mede door Agenet’s retestrakke band maakt dat er in deze set geen enkel zwak nummer te bespeuren. Mooie ontdekking Gevarenwinkel; nu maar hopen dat Delanie Pickering en haar Franse begeleiders snel terug in Nederland te zien zullen zijn want dan ben ik er wéér bij!

Even bijpraten over en bijkomen van al dit moois kan bijna niet want in de rootstent staat ook een Franse band gepland rondom een Amerikaanse zangeres. Echter Ciara Thompson resideert óók in La Douce France, in het zuidelijke Lyon wel te verstaan. Ik had nog nooit van The Buttshakers gehoord maar toch bestaat de band al twaalf jaar én heeft de band een Nederlands booking agency (Sedate Bookings) hoor ik later van de programmeur van Swing Wespelaar.

De uit St. Louis, Missouri afkomstige Ciara wordt bijgestaan door gitarist Sylvain Lorens, kopersectie bestaat uit bariton saxofonist Léo Ouillon en Simon Girard op trombone. De ritme tandem wordt gevormd door drummer Josselin Soutrenon en bassist Jean Joly.

Volgens de introductie brengen The Buttshakers een mix van blues, gospel rooted soul en funk. Al rap stel ik vast dat The Buttshakers zo bij Jools Holland’s Later weggelopen zou kunnen zijn. Binnen drie songs staat de kleine rootstent propvol en wordt er inderdaad gretig door vrouw én man met de ‘booty’ geschud.

Oude tijden in de Rotterdamse dancings Bristol en Le Bateau herleven, ik geniet met een grote G. De band straalt een passie uit waar je maar moeilijk omheen kan. De vocals van Ciara Thompson zijn rauw in ‘Hear Me’, je voelt haar pijn, haar wanhoop; deze zangeres weet moeiteloos te overtuigen.

Nog meer wanhoop is verpakt in ‘Back In America’. Jammer dat ik niet alle titels kan verstaan maar de bezoekers staan wel te doo-woppen op het ritme van ‘Pass You By’. De blazers krijgen hun spotlight in soulvolle ‘Never Enough’.

“If I can’t dance I don’t wanna be part of your revolution” is maar een van de krachtige tekstregels van ‘What You Say’, ja Buttshakers ik ben jullie nieuwste fan! Deze set bevat alles; een flamboyante souldiva, een genadeloze gitarist, kloeke kopersectie en een dappere drummer.

De afsluiter van de set – ‘Keep On Pushing’ – wordt vooraf gegaan door de boodschap tegen de nieuwerwetse overheersers van deze wereld te blijven in gaan. Deze band heeft binnen het uur bewezen dat soul weer ‘alive & kicking’ is. The Buttshakers; een band die niet op het Ribs & Blues, HIBF of zelfs North Sea Jazz zou misstaan!

De tijd is omgevlogen; het aanbod van bands was als vanouds weer verrassend en divers. Deze tweede dag wordt op het grote podium afgesloten door het inmiddels internationaal tourende My Baby. De oudere bluesliefhebbers staan zij aan zij met zéér veel jongeren die gelukkig ook op deze afsluiter van formaat zijn afgekomen. My Baby is een trio dat bestaat uit frontvrouw Cato van Dijck op vocals/gitaar/viool, Nieuw-Zeelander Daniel ‘Da Freez’ Johnston is de lead-gitarist en Cato’s broer Joost ‘Sheik’ van Dijck zien we op drumms.

De eerste keer dat wij My Baby zagen optreden was op het Delta Stage van Ribs & Blues van 2015. Toen werden we als door de bliksem geraakt waar zij ons oprecht verbaasde met hun professionele, volwassen geluid op het kleine podium. Nadat ze door Larry Graham (ex Prince) gespot werden mochten ze mee op tour door de UK als zijn voorprogramma maar ook Seasick Steve vroeg hen als support-act.

My Baby laat zich niet in een hokje laten duwen en daar houd ik van, de band zoek naar goud in de brede rivier van de diverse muziekstijlen en vinden daarin hun eigen ‘gold nugget’ sound. My Baby is een graag geziene internationale act die al een aantal keren op het Engelse Glastonbury festival mocht aantreden maar ook stonden zij als eerste Nederlandse band ooit (!!) op het festival van Isle of Wight én zegevierde My Baby op het Hongaarse Sziget Festival.

Cato, de frèle dame heeft een fijn stemgeluid, haar vocalen lijken geschoold en krijgen door het gebruik van de distortion microfoon een extra lading. We zijn getuige van lang uitgesponnen songs; ‘Shameless’ komt van het My Baby Loves Voodoo!, nog wat onwennig kijkt de ‘bluespolice’ om zich heen maar geven My Baby gelukkig het voordeel van de twijfel. Natuurlijk heeft het geheel iets psychedelisch maar Cato speelt met zichtbaar gemak haar ´baby´ de gitaar. Haar broer Joost speelt zijn opzwepende drumm-ritmes, de man lijkt na tien jaar optreden nog steeds volop plezier te hebben.

‘Kiwi’ (liefkozend bedoeld) Daniel op de gitaar blijft mij boeien door zijn fuzzy sound, de man wisselt van lead-gitaar naar slide naar Mali blues. ‘Sunroof Diesel Blues’ komt van Prehistoric Rhythm uit 2017 en lijkt een aanklacht aan de bourgeoisie die de wegen bevolkt in de ochtend- en avondspits in hun diesel slurpende SUV’s, de werkslaven. Nieuwer werk horen met ‘Echo’ van het gelijknamige album dat in April uitkwam. Funky is de beat dat we horen tijdens ‘Supernatural Aid’ (2018 Mounaiki). Inmiddels staat de tent propvol en ben ik onderdeel van een steeds meer uitzinnig wordend publiek. Ook van Echo komt ‘Ain’t No Turning Back’ waarbij de band ook die laatste twijfelende toeschouwer over de streep weet te trekken.

‘R U 4 Real’ heeft een ijle maar toch sinister begin, de trancebeat maakt dat het nummer ook op het Belgische Tomorrowland niet zou misstaan. TBA? feliciteert de programmeur van dit eclectische festival dat deze My Baby zich ook mag manifesteren voor het Belgische roots- en blues-minnende publiek. Voor de vijfde maal ben ik wéér getuige geweest van een hele sterke set van My Baby.

Nu via de ‘route rurale’ terug naar ons hotel, morgen gezond weer op om fris en fruitig te kunnen genieten van de vele verrassingen die Gevarenwinkel dag drie voor ons in petto heeft.


