The Boss’ Wrecking Reports 2013 [part 6: Parijs – een Parijse avond vol vertier!]

Gezien & gehoord in Stade de France, Parijs Frankrijk: Wrecking Ball Tour 2013 met Bruce Springsteen & the E Street Band op 29 juni 2013. Belevingsreview  door Paul Meerman met Foto’s van Paul Meerman & ©  STATS BS: Duur: 3 uur en 25 minuten.

Tijdens de European Wrecking Ball Tour 2012 waren een aantal fanatieke Bruce Springsteen, volgers van het eerste uur, bereid om hun sfeerverslagen te delen met The Blues Alone? Daar waren wij ze, ook als liefhebbers van The Boss, natuurlijk zeer dankbaar voor. Hun reviews onder de naam ‘The Boss’ Wrecking Reports‘ werden goed gelezen en uitstekend gewaardeerd. Maar bovenal droop het enthousiasme tijdens hun persoonlijke live belevingen er vanaf! En dat is nou net iets wat wij met TBA? ook nastreven. Dus gingen Paul, Herman en Willem tijdens de European Wrecking Ball Tour 2013  in de reprise. En ook TBA’s Arjan & Giel zelf zullen dit keer weer hun steentje bijdragen aan ‘The Boss’ Wrecking Reports 2013‘. It’s Boss Time again!

Tik tak, tik tak. Het is middernacht, we zijn net op weg en lezen op het Nederlandse Bruce forum Tramps Like Us dat er al 500 nummers uitgedeeld zijn en dat de eerste 600 georganiseerd naar binnen mogen. We zijn op weg naar Saint Denis een beruchte voorstad van Parijs, de stad van de romantiek. Maar daar zijn we hier niet voor. Hoewel, alle vier kennen we natuurlijk wel de tba_bs_france_00liefde voor de muziek van Bruce en de E Street Band. Vanavond staat de hardwerkende muzikant in het Franse nationale stadion Stade de France dat capaciteit biedt voor ruim 80.000 mensen. Een concert bezoeken in Frankrijk staat altijd weer garant voor verbazingen. Of je krijgt te maken met de zogenaamde Franse slag of je krijgt te maken met botte mensen die van mening zijn dat zij kunnen doen wat zij willen. En dan kan je ook nog eens te maken krijgen met security die zich wil laten gelden. Paris laissez-nous événements (Parijs laat ons feesten). Met enige vertraging komen we aan bij het stadion.

Tentjes
We parkeren langs het stadion en zien aan deze zijde helemaal niemand. We lopen een rondje en treffen een bewaker met zijn honden. Hij kijkt ons argwanend aan, de honden ook (Franse honden). Dan, precies diagonaal t.o.v. de geparkeerde auto treffen we tba_bs_france_02vijf tentjes aan. Op één tentje staat zoiets als: wake me up for the queue number. Er staan vijf tentjes naast elkaar. Het is 05.45 uur en Parijs ontwaakt, het miezert. Kloppen heeft geen zin op het tentdoek, en de andere willen we niet wakker maken. Zachtjes roepen we en even later zijn we in het bezit van de nummers 550 -553.Er is verder echt helemaal niemand te bekennen. Bijna iedereen uit de rij vertoeft dus ergens anders. Daarover is in Nederland veel discussie. Het zou bijvoorbeeld niet eerlijk zijn. Bij het hele stadion is echter helemaal (behalve de vijf tentjes) maar dan ook helemaal geen andere fan of rij te bekennen. Op 1 uitzondering na. Een jongen komt aan lopen en neemt op ca. 35 meter van de tentjes plaats bij ingang R, de ingang voor FOS plaatsen. We wijzen hem op de tentjes (die zie je echt niet over het hoofd) en vertellen hem dat hij nu een nummer kan krijgen omdat de uitdeler immers wakker is. Hij zegt dat hij dat niet doet omdat hij immers toch nr. 1 is. En, hij kwam eerder aan lopen dan ons, dus heeft hij recht op een lager nummer dan ons. Zegt hij. Na een nieuwe poging om e.e.a. uit te leggen blijft hij volharden. Hij hoeft geen nummer. Uiteindelijk besluit hij – onder protest – toch een nummer te vragen. Omdat er helemaal niets te beleven valt gaan we terug naar de auto en zoeken in de buurt naar een geschikte parkeerplaats om te gebruiken tussen de volgende calls door. Misschien kunnen we ergens ontbijten. We zien in de buurt van  het stadion een MacDonalds. Mooi om daar gelijk te parkeren. Hij is nog dicht, dus daar geen koffie en croissants. We maken gelijk een soort testrun “hotel-station-stadion”. Hoe lang doen we daar over en wat kunnen we doen in die tijd. We kunnen nog niet inchecken in het hotel, kopen alvast treinkaartjes en besluiten terug te gaan naar het stadion. We parkeren bij MacDonalds, nog steeds dicht overigens. De koffie vinden we uiteindelijk wel in een café tegenover het stadion. Ter plekke wordt in ons bijzijn de prijslijst verwisseld voor de evenementen prijslijst. Bijna een verdubbeling van de prijzen. Wij mogen overigens voor 4 bakken (goede) koffie ook nog even € 16 aftikken.

Vervolgens doen we de call van 08.30 uur die lang in beslag neemt. We krijgen een nieuwe verzamelplaats aangewezen en lopen daar in groepen van 100 naar toe. De jongen met 554 snapt er niets van, hij reageert niet op zijn nummer en kijkt met weemoed naar ingang R. (later zit hij heerlijk te kaarten met zijn Franse buren en nog weer later staat hij bijna 1e rij rechts van het midden).
We halen de auto op, maar het MacDonalds terrein is afgesloten met een ketting. Met moeite kunnen we het terrein verlaten. We gaan naar het hotel, checken in, dumpen onze overtollige spullen en parkeren de auto aan de veilige achterzijde. Vervolgens lopen we door de wijk Le Bourget, een multiculturele wijk. Met de RER B reizen we terug naar Stade de France. Ruim op tijd voor de call van 11.30 uur sluiten we aan in de rij. De miezerregen is inmiddels weg en er komt een zacht zonnetje van achter de bewolking. Vervolgens is het wachten en wat kleppen met bekenden.
Polsbandjes
De tijd gaat eigenlijk best snel en in de buurt van onze rij is er genoeg eten en drinken te scoren. We worden op enig moment in vijftallen gezet. Derk, dit keer de organisator doet goed zijn best, maar het gaat stroperig. Taalbarrière, onduidelijkheid, onwetendheid? Een combi van alles denken wij. Voor ons ook de eerste keer dat we zo ver van achter staan, hebben we dat fenomeen ook eens mee gemaakt. Wat er ook gezegd kan worden van het systeem, het blijft erg mooi dat een groepje vrijwilligers zich zo inzetten en keer op keer weer vervelende vragen krijgen dan wel opmerkingen naar je hoofd geslingerd krijgt. Ook het vreedzaam zonder geduw en getrek naar binnen gaan is iets dat positief is aan dit systeem. Derek komt wat tekenen op je hand en dan komt Graham met twee Jerommekes de polsbandjes uitdelen. Enkele gasten (forumleden) uit Abcoude Noord en omgeving proberen nog hun hand er tussen te duwen in de hoop dat er blind een bandje omgedaan wordt. Dat lukt niet voor ze en ze zijn gedoemd om later naar binnen te gaan. Nu ken ik ze en weet dat ze toch regelmatig helemaal achterin staan en met het voorvak zoals die in Parijs was kunnen ze zeker achterin tegen de barriers gaan hangen. We babbelen nog wat hier en daar met bekenden (Marco en Sanne, The Marinier, Striets, Telegraafse Irene en RendezVouz e.a.) en genieten o.a. van Paulus (badmuts) die door alle Italianen vereerd wordt. Op de foto moeten ze met hem. Haha, wat een manneke is het toch. Hij had overigens zelfgemaakte broodje bal (met ketchup en mayonaise) bij zich. We zien Paulus ook nog even met de man uit Wales kletsen. Die gozer was zo verschrikkelijk dronken in München dat hij echt niets van het concert gezien kan hebben. Nu horen we dat hij in Milaan ook weer dronken was en daar behoorlijke klappen heeft moeten incasseren. Nu lijkt hij nuchter, hij loopt met een cola (?) in zijn hand rond. Hij staat vrijwel vooraan, maar wordt vroeg in het concert het voorvak uitgesodemieterd door de security. Ongelofelijk.
De eerste groep van 250 mag naar een speciaal vak, nog wel butba_bs_france_04iten de hekken, het duurt heel lang voor er beweging komt bij hun. Dan moeten ze ook nog eens een erg strenge controle ondergaan en dan gaan ze naar binnen. Vervolgens schuiven de volgende 350 in het speciale vak, worden we erg streng gefouilleerd en gecontroleerd en moeten we nog een poos wachten bij trappen. Eindelijk 30-40 minuten na groep 1 mogen ook wij het stadion betreden. Wat opvalt is het enorme grote voorvak. Hemeltje lieve, dat is winstgevend om pelouse d’or kaarten te verkopen op deze manier. Als je daar tegen de barrier van achteren gaat staan/zitten zit je gelijk over de middenlijn.
Pre-concert
Anyway wij nemen plaats op ongeveer rij 6-7 iets rechts uit het midden. Naast en achter me Amerikanen. Ik geef iemand nog een aspirine en schrik dan op van een akoestische gitaar. Hello Parisssss. Daar staat Bruce in wit T-shirt met zonnebril. En verdomd na Oslo (jongstleden april) krijgen we weer een pre concert. Dit keer beperkt Bruce zich tot 3 nummers. Hij start met This Hard Land, vervolgens haalt hij een bordje op met Burning Love (Elvis Presley cover) worstelt wat met de tba_bs_france_05akkoorden en speelt vervolgens zijn eigen versie met tussendoor solo zoals hij het zelf met zoveel plezier aangeeft en met het “wait a minute’ zoekend naar de tekst. Hij eindigt dit mini spektakel met Growin’ Up. We hebben het er niet meer over (het gaat alleen om setlisten, nummersystemen etc.), maar mij valt op dat Bruce zijn buikje (die hij bij het begin van de Europa leg 2013 (Oslo) nog wel had) kwijt is. De twee maanden op tour nu hebben hem duidelijk afgetraind. Mij valt ook op dat hij bij het wisselen van zijn gitaar even wankelt. Misschien als gevolg van een lekker wijntje? Ach, nee dat is niet te merken aan zijn spel. Voor mij klinkt dit pre concert echt goed en zo verschrikkelijk oprecht en met plezier gespeeld. Dit is toch wel een enorme goede kant van deze ras artiest.
En dan is het klaar, we zetelen ons weer neer en dan komt de horde er aan gerend. Gelijk gaat men strak tegen je aan staan en sommige stappen al over ons heen. Dat is het sein voor enkele voor ons om op te staan en de boel tegen te houden. In no time staat iedereen en doen we gedwongen een paar passen naar voren. Daar staan we dan als sardientjes in een blikje. Opeen gedrukt, in elkaar gevouwen. Knoflookwalmen, zweet luchten, het is verdikkeme pas 17 uur of zo. “Dit wordt een lange lange avond, niet ergeren, duw terug, oh nee, verzoek even een stapje naar achteren te doen” Er schiet van alles door me heen. Ik moet echt even doorzetten, uhhh mijn zinnen verzetten. Wat heb ik hier toch weer een tering aan. Het is al weer heel heel lang geleden dat ik bij ieder concert van The Stones ook zo in de verdrukking kwam. Het was toen (wanneer ??) dat we besloten in het vervolg lekker relaxed achterin te gaan hangen. Tot er een keer een mogelijkheid was om dicht bij het podium te staan, en ach laten we eens kijken wat het nummer is en dan zien we wel. We zijn in Oslo, München, Hannover, London en Nijmegen geweest. En alleen in ons eigen land koos een deel van ons voor de achterste rijen van het voorvak. De rest stonden we rij 1 of 2. Maar altijd relaxed. Nu dus niet. Welkom in Frankrijk. Mon dieu.

tba_bs_france_01

Un parisien soirée pleine de divertissement (een Parijse avond vol vertier)
Bruce startte enorm gedreven, het stadion ging ook direct uit haar dak. In tegenstelling tot bijvoorbeeld Oslo waar het publiek er maar langzaam in kwam was het hier direct raak. “Bonsoir Paris, Bonsoir France”. Met Badlands had Bruce geen betere opening kunnen verzinnen. Direct hier achter aan kwam Out in the Street en het stadion stond, klapte, zong mee en was aan het dansen. De man pakte een bordje: Lucille en wees de band op de sleutel (E) . Ook de Little Richards song ging er goed in. Voor je gevoel had je zoiets van ‘waar gaat dit naar toe, Italiaanse/Spaanse toestanden soms, blijft Stade de France overeind?’. Helaas werd het tempo onderbroken voor twee Wrecking Ball songs, de mooie titelsong en het meeslepende Death to my Hometown. Vervolgens pakte Bruce weer een bordje en leek hij terug te grijpen naar het flitsende begin: Cadillac ranch. Hierna volgde Spirit in the Night. Little Steven haalt spookachtige tonen uit zijn gitaar terwijl Bruce op zijn hurken aan ons vraagt of we de Spirit voelen. Na een intro van bijna 5 minuten (Yeah Yeah) gaat het los waarbij Bruce ook nog op clowneske wijze eerst zich op een uitloper plat voorover laat vallen voor een fan en vervolgens op een uitloper plat gaat voor enkele dames. Hij moest zelf lachen. Dan kondigt Bruce Born in The USA full album aan. Wij hebben die in München ook gehad, in Nijmegen Darkness, dus nu was Born to Run wel fijn geweest. Maar heee, waarom hierover zeuren, ik vind het niet erg hoor. Stampen maar, en dat doen we dan ook met de titelsong Born in the USA en met Cover Me. De intro van Darlington County blijft erg veel op Honky Tonk Women lijken. Bruce kijkt strak in onze richting, ons duimpje gaat omhoog en we geven met onze handen aan: zet door zet door, ik steek mijn tong uit, maar hahaha, wat denk ik wel. Idioot. Hoewel… hij wijst met zijn vinger recht in onze richting en schud lachend nee. Er staan geen mooie blondines rond me, hij moet het dus welhaast begrepen hebben. Hahaha. Laat mij maar even in die waan (maar het is wel waar). Tijdens het nummer signeert Bruce onderweg nog een arm in het gips van een klein mannetje. Van Darlington gaan we over naar de snelweg. Max zit in en Bruce valt semi-akoestisch bij (lange intro trouwens), we krijgen het clublied van de firma Heijmans, Working on the Highway, heerlijk dat klapje. Bruce deelt mee dat hij zo hard werkt. De sfeer zit er nog steeds goed in (lange outtro). Vervolgens stappen we in de trein die ons naar downtown brengt, the Downbound Train. Ik zie weer Bercy 2012 voor me, waar op de tribune een grote familie zat. Allemaal droegen ze een bordje met letters er op: Downbound Train. Wat een vlammende versie was dat. Nu weer, ingetogen maar vlammend eindigend. Mooi. Bruce telt af en we krijgen het ingetogen en schitterend uitgevoerd I’m on Fire. Het valt me dan op dat Bruce steeds aan zijn linker onderarm voelt en zijn steunband steeds aantrekt, alsof hij last heeft van zijn onderarm. Het is ook hier dat ik bemerk dat zijn stem weg valt en erg rauw klinkt bij het begin van het slot. Bruce neemt ons mee en we zingen:  “We made a promise, we swore we’d  always remember, no retreat Baby, No Surrender”. Daarna volgt het massaal handen zwaaien, van links naar rechts en terug. Ik kan geen maat houden dus ik ga regelmatig tegendraads haha, Bobby Jean wordt bezongen. Ik vind het een lekker nummer, heerlijk de sax die er bij komt. Jake was in vorm. Het publiek is nog steeds aangehaakt, alle drie de ringen in het stadion zwaaien dat het een lieve lust is.

tba_bs_france_07

Dancing with Soozie
Max stroopt letterlijk zijn mouwen op, Bruce zet in en I’m Goin’ Down volgt. “Come on” en de ESB volgt The Boss moeiteloos. De stem lijkt weer in orde, Bruce verzaakt niet. Bruce verzaakt nooit, hij gaat maar door. Weer Jake die het nummer naar het einde blaast. Steven komt Bruce op de middelste uitloper ondersteunen bij Glory Days terwijl Bruce een strooien hoed aanneemt. Samen voeren ze een showtje op waarbij tevens een vage snelle hipshake uitgevoerd wordt (met het gezicht naar de camera bij de drums). Met een one two, three, four schakelen we moeiteloos door naar Dancing in the Dark. Een hoop natte broekjes nemen weer plaats op de nek. Allemaal dromen ze er van om de nieuwe Courtney Cox te worden. Bruce geeft zijn ogen goed de kost. Wij ook. Bruce glimlacht en stapt gedecideerd rechtstreeks op zijn doel af. Hij wijst en pakt een sign uit het publiek: “I came to Paris to dance with Soozie”. Een man komt op het podium. Dat was nu niet wat wij zelf hadden uitgekozen, maar we begrijpen het wel. Ik zou ook best eens een dansje willen maken met Cindy bijvoorbeeld. Maar veel verder dan een glimlach (bij de gehele backing groep), een duim omhoog en een schuddend vingertje (nee) komen we niet bij haar met ons parodie bordje ‘Cindy’s Room’. Naast de gelukkige man mogen ook nog eens twee vrouwen het podium op komen. Na het spektakel komt My Hometown. Bruce staat onbewogen voor zijn microfoon standaard, hij oogt vermoeid. Het stadion valt stil, er wordt wel intensief meegezongen met het refrein. Deze versie is overigens een korte versie. De versie zoals Bruce die in München speelde kon mij meer bekoren. Misschien was dit wel een break in de show. Bruce komt vervolgens met de Louisiana jazz song Pay me My Money Down. In dit nummer mag de band zich uitleven en is er vooral ruimte voor de Horn sectie. Bruce doet een stapje terug en nadat ze een voor een het podium kregen volgt er een kakofonie aan blaasinstrument geluiden. Charlie komt met de accordeon gevolgd door de backing groep met de kleurrijke paraplu’s en daar is het meezing gedeelte met het publiek. Lekker. We krijgen een heerlijke versie van bijna 10 minuten met daarin op het einde nog een heuse solo op een nieuw instrument: het wasbord van de zichtbaar genietende Everett Bradley.
Bij Shackled and Drawn is het de beurt aan The Voice: Cindy “I want everybody to stand up – we got to pray together” (lange uithaal). Vandaag kreeg ze minder de ruimte voor haar uithaal, ze kreeg die ruimte wel – en benutte daarmee de soulstem volledig – bij “singing this song”. Mooi. Dan gaan de kinderen op de schouders. Hun moment breekt aan. Het moment waarop ze al maanden naar uitgekeken hebben: Waiting on a Sunny Day. Het nummer blijft trouwens wel leuk. Een echte meedeiner. Bruce vroeg ook om hulp van het publiek. En die kreeg hij. Ook van bovenaf. Toen hij zijn gitaar naar achteren wierp, zeilde het instrument helemaal de verkeerde kant op en gevaarlijk richting Max, gelukkig werd hij op tijd opgevangen. Bruce deerde er niet om. Hij was al op weg naar de uitlopers op zoek naar een kind die de avond van haar/zijn leven zou krijgen. En het werd een lange uitvoering door een meisje. Hij bracht haar terug en reikte een plectrum aan. Er zijn dan altijd weer idiote volwassenen die proberen die plectrum voor het kind weg te kapen. Idioten. Hevig zwaaiend onder de saxofoon klanken van Jake verlaten we het nummer om  door te schakelen naar The Rising gevolgd door Land of Hope and Dreams. Vervolgens schakelt Bruce over op We are Alive, het vijfde Wrecking Ball nummer . Een heel lekkere uitvoering, maar misschien te laat in de set opgenomen. Op dit moment vroeg het stadion om alle remmen los. De remmen gingen wel los bij Born to Run waar vriend, Parijzenaren regelmatig terugkerende gast Elliott Murphy met zijn zoon Gaspard als gasten een bijdrage kwamen leveren. Het publiek op de voorste rijen mocht weer lekker rammen op de fender Stratocaster van Bruce.  “Tramps Like Us, Baby We Were Born to Run”, ik moet even aan de inwoners van Le Bourget denken. Het kost allemaal kracht, wij blijven gaan, Bruce blijft gaan. Ook bij Ramrod waar Steven een fikse bijdrage aan levert. Een schitterende uitvoering, zeker een van de juweeltjes van deze avond. 10th Avenue Freeze Out geeft ons het eerbetoon aan Danny and Clarence en we gaan naar American Land als plots het concert afgelopen lijkt te zijn. De band weet niet wat te doen, Bruce dirigeert ze toch het podium af om zelf (solo) terug te keren met een akoestische versie van Thunder Road.

tba_bs_france_03

Het was een prachtig concert, maar vergeleken bij Nijmegen haalde deze het niet. Het publiek ging echter meer dan tevreden naar huis. En wij scoorden nog een biertje van € 7 en togen strompelend naar de RER B trein die ons naar Le Bourget moest brengen. En dat ging allemaal erg soepel. In ons hotel troffen we nog 3 jonge Nederlandse gasten (Markuss en zijn vrienden). Hartstikke leuk om te zien dat deze jongens ook zo verschrikkelijk kunnen genieten van The Boss. Bruce is voor alle leeftijden, dat blijkt. Wij herkenden in deze vrolijke knapen overigens wel een stukje van ons zelf er in. Qua leeftijd zal er echter een jaartje of 30 tussen hebben gezeten.
Bruce merci!

tba_bs_france_06

Geef hier uw commentaar